Lezersrecensie
Eén lange zomer in de jaren dertig
Wie ons al een beetje volgen/kennen weten het al, wij zijn fan van Jane Gardam. Deze grande dame van de Britse literatuur heeft een fantastische schrijfstijl. Zeer vlot, luchtig en ogenschijnlijk toegankelijk beschrijft zij zeer beeldend de gebeurtenissen. Op de achtergrond passeren de zwaarste tragedies maar van goedkoop sentiment kan je haar allerminst beschuldigen.
'Op de klippen' belandde in 1978 op de shortlist van de Man Booker Prize. Dankzij de goede vertalingen van Gerda Baardman & Kitty Pouwels voelt deze roman absoluut niet verouderd aan.
De hoofdpersoon in deze roman is Margaret, een achtjarig bijdehandje, vroegwijs en intelligent. De geboorte van een broertje wordt door haar bepaald niet toegejuicht. Maar de komst van Lydia, een flamboyante huishoudhulp, maakt veel goed voor Margaret die het niet gemakkelijk heeft met haar diepgelovige vader en wat labiele moeder.
Zoals dat gaat in het leven en al helemaal in romans, volgen de gebeurtenissen elkaar op, niemand van de betrokkenen komt er ongeschonden uit. De extreem religieuze vader blijkt niet van steen, de moeder diep ongelukkig en de huishoudhulp gedesillusioneerd.
In de laatste hoofdstukken springt Gardam een aantal jaren vooruit en worden er een aantal dingen duidelijk, hoewel je de kunst van 'tussen de regels lezen' bij Gardam toch wel goed moet beheersen. Een uitmuntende roman die ons doet verlangen naar nog veel meer Nederlandse vertalingen van Gardam's romans. We hebben er tenslotte nog een heel aantal te goed...