Lezersrecensie
Een boekje om te koesteren, ook al is het niet van een groot schrijver
Van Johnny van Doorn (1944-1991), ik leerde hem kennen als Johnny the selfkicker, ben ik altijd een liefhebber geweest. Zijn performances vond ik fascinerend en ik vond hem altijd aandoenlijk in Herenleed samen met Armando en Cherry Duyns. De eerste druk van dit boekje verscheen in 1984. Ik lees de zevende druk uit 1992.
Het zuur, ik bereid me voor op veel alcohol. In het eerste verhaal gaat de schrijver ‘‘s nachts mee met een echtpaar dat hij zojuist in De Kring had ontmoet. “In die periode had ik geen vast adres”, schrijft hij. Maar nog geen twee pagina’s verder commandeert hij zichzelf “naar huis”. Hoe zit het nu?
Johnny van Doorn is nooit een groot schrijver geworden. Zo schrijft hij: “Geen film kunnen aanzien zonder seks”. Maar hij bedoelt ‘ geen film zonder seks kunnen aanzien’. En er is nog wel meer op zijn geschrijf aan te merken. En dat is het grappige, want schrijven kan hij wel. Maar zijn verhalen zijn te licht, echte diepgang ontbreekt. Ze zijn aangenaam om te lezen, ook nu nog, zoveel jaren later maar ze beklijven niet. Zelf schrijft hij in Opmars van de kabouters: “Witte wijn drinkend, de planten begietend, kabbel ik door de dagen”. Zo ook is zijn schrijven. Nee, zijn werkelijke talent lag in zijn performances, zijn optredens als theaterdier, geestig, fascinerend en heerlijk tegendraads. Lef had hij wel, die Johnny The Selfkicker!
Johnny van Doorn overleed aan de gevolgen van kanker, in 1991, nog geen vijftig jaar oud. Hoe jammer! Op internet is een fraai in memoriam van Nico Keuning in Ons Amsterdam te vinden.
Enno Nuy
Maart 2026