Lezersrecensie
Houterig
Na vier prehistorische fantasy-romans keert Peter Schaap met Het Woud van de Maker terug bij de algemene fantasy. Het gigantisch woud van bomen op bomen vormt een wereld op zich, bevolkt door mensen en dryaden; vrouwelijke bosgeesten, de bezieling van het woud. Maar het woud wordt bedreigt door een magische kracht van buiten en dat noopt de sluimerende Maker tot actie. In dat woud woont ook Kaia, de dochter van de mysterieuze, jaren eerder plotseling verdwenen Talyssa. Haar twee broers Keld en Roenar zijn naar de hoofdstad Meerwold getrokken om hun geluk te beproeven, Kaia alleen met haar verbitterde vader achterlatend. Wanneer er een vreemde opduikt die naar haar moeder vraagt, besluit Kaia haar moeder te gaan zoeken, er van overtuigd dat ze nog leeft. Geleidelijk aan raken zij en haar twee broers betrokken bij de gebeurtenissen die het woud bedreigen, en uiteraard spelen zij een sleutelrol bij het weerstaan van die bedreiging.
Uiteraard wordt een fantasyschrijver beïnvloed door al die fantastische literatuur die al geschreven is. Het is dan ook niet erg dat een wereld die bestaat uit een groot bos bekend is, bijvoorbeeld uit Ranon-kel van Jacques Hamelink. Het is ook niet erg dat de lezer tegen het einde van het verhaal aan De Oor-log van de Grote Scheuring van Raymond Feist moet denken. Het is wel bezwaarlijk dat het verhaal niet overtuigt. Zowel de personen als de op¬bouw van de roman doet gekunsteld (geknutseld) aan. Op het eind wordt er van alles bijgesleept om het verhaal af te ronden, niet helemaal als een deus ex machina, maar ze worden door de schrijver te weinig voorbereid. Het Woud van de Maker lijkt even snel tussendoor te zijn geschre¬ven. Zo spreekt Kaia tegen het einde over een “magiër”, terwijl dat begrip in de primitieve wereld die tot op dat moment wordt beschreven eigenlijk niet bestaat. Zo wordt een van de personen opeens weer afstande¬lijk met “de prospector” aangeduid, terwijl deze persoon al een tijdje persoonlijk is gevolgd.
Dergelijke zaken zouden bij ontspanningslektuur nog wel te pruimen zijn, mits het verhaal goed is geschreven. Maar ook in dat opzicht schiet Het Woud van de Maker tekort. De stijl van deze roman is houterig en ondanks de korte zinnen vaak omslachtig qua formulering. Het leest daardoor niet lekker weg, waardoor de aandacht van de lezer des te meer wordt gericht op de beperkingen van het verhaal zelf.