Lezersrecensie
De Toverberg is de Top
Dit boek maakte meer dan 30 jaar geleden erg veel indruk op me. Daarom het nu nogmaals ter hand genomen. Wat raakte me zo? En doet het dat nog steeds? Het antwoord is ja. Het is een hele pil van ruim 950 dicht bedrukte pagina’s in een stijl en met gebruik van algemene kennis die je als lezer continu dwingen bij de les te blijven. Maar het werk is inderdaad nog steeds zeer de moeite waard. In een notendop vertelt het het verhaal van Hans Castorp, die in 1907 23 jaar oud is, geen ouders meer heeft en leeft bij een oom. Hij is in opleiding tot ingenieur om “iets” in de scheepvaart te gaan doen. Hans gaat zijn neef Joachim opzoeken die in een sanatorium in Zwitserland vlak bij Davos verblijft om te herstellen van bij hem vastgestelde tuberculose. De bedoeling was daar 3 weken te verblijven, uiteindelijk blijft Hans er 7 jaar… Hans raakt in korte tijd volledig gehospitaliseerd en durft deze veilige plek niet meer te verlaten, daarbij geholpen door de mening van “kamerheer” (zoals hij betiteld wordt) Behrens, de chef-arts van de kliniek. Deze verstrekt adviezen in de trant van “weggaan kun je altijd nog”, “te vroeg vertrekken doe je maar één keer” en zo verder. Hans verblijft uiteindelijk 7 jaar in de bergen, waarin hij de vele contacten met de medepatiënten uitgebreid beschrijft, de discussies met de humanist Settembrini en de jezuïtische communist Naphta, de wederwaardigheden met neef Joachim, zijn verliefdheid op de Dagesthaanse mevrouw Chauchat, zijn gesprekken met de “persoonlijkheid” van Peeperkoren (die mij qua beschrijving erg aan Trump deed denken), de maaltijden in de eetzaal, de ligkuren, de medische toelichtingen, de persoonlijke drama’s en zo nog veel meer. Na 7 jaar verlaat Hans noodgedwongen zijn veilige haven (het is 1914, volk en vaderland roepen hem.. ) en hoe het met hem afloopt…
Het lezen van dit boek veronderstelt dat je er de tijd voor neemt, bereid bent je enige tijd te identificeren met Hans, die eigenlijk op zoek is naar zijn eigen Graal. Je moet je inleven in de discussies en debatten die op hoog niveau worden gevoerd met veel historische en mythische feiten en verhalen. Mij lukte dat (wederom) erg goed, mede omdat Thomas Mann ook beschikt over een bijna Engels aandoend gevoel voor humor, hetgeen elke bladzijde wel weer een glimlach tevoorschijn doet komen. Wat een karwei moet dit geweest zijn voor de vertaler (Pé Hawinkels, zaliger gedachtenis). Ik heb er opnieuw van genoten.