Lezersrecensie
Té diep(?)
Van deze Hongaarse Nobelprijswinnaar las ik eerder “Onbepaald door het lot”, wat veel indruk op me maakte. Dit boek(je) bevat 3 verhalen, het eerste draagt de titel die het gehele werk heeft en is het sterkst. Het beschrijft het bezoek van Kertész aan Buchenwald en Zeitz, concentratiekampen waar hij als tiener in WOII verbleef en waarover “Onbepaald door het lot” gaat. Hij beschrijft zijn ervaringen bij dit bezoek op een indringende, zeer persoonlijke manier waarbij alle invloeden van buiten hem zelf voor hem vervreemdend werken, van zijn vrouw tot aan de toeristen in de bus. Het bezoek is voor hem een opdracht, een taak waarvoor ruimte en tijd moet zijn en eigenlijk alleen zijn eigen denkwereld en ervaring van belang zijn. Alsof alles om hem heen, levend of dood, probeert zijn eigen unieke zoektocht naar de beklemmende en beangstigende sporen te bemoeilijken. Mooi en indrukwekkend als je bereid bent je in zijn denken in te leven.
De twee volgende verhalen bevatten veel ongrijpbare en weinig invoelbare, als het ware aan elkaar geplakte overdenkingen zonder duidelijk doel anders dan overdenkingen te zijn. Af en toe mooie zinnen, maar enige logica of samenhang lijkt grotendeels te ontbreken. Een heel mooie zin vond ik:
‘De dood is – indien we ons er een leven lang op voorbereiden in het besef dat dit de enige werkelijk belangrijke taak is die we in het leven hebben te vervullen, indien we onze dood als het ware geleidelijk instuderen en leren haar als een uiteindelijk geruststellende, zij het niet geheel bevredigende oplossing te beschouwen – een serieuze aangelegenheid.’