Advertentie

Een jonge historicus en journalist, wordt steeds meer gegrepen door zijn Finse afkomst. Bj zijn oma ziet hij de foto’s van zijn verre verwanten. Hij besluit zich te verdiepen in zijn afkomst en daarmee zijn beide passies: historicus en schrijver te verbinden.
De roman kent een unieke opbouw. Het is verdeeld over twee verhaallijnen, waarvan het deel ‘1940’ de grootste aandacht krijgt. (152 blz.) Het deel ‘Later’ zit er tussendoor verweven. (55 blz.). Door het vermengen van deze gegevens is de lezer zelf actief in het combineren van de verhaallijnen, in het bepalen: is dit fictie? Is dit werkelijkheid?
In 1940, in een verhalende stijl, is Edvard Haga de hoofdpersoon. Hij stamt it een Finse familie aan de westkust. Hij is trots op zijn streek, zijn taal, hij is gezagsgetrouw. In 1918, tijdens de Finse burgeroorlog, maakte hij deel uit van het Schutkorps, het witte leger dat tegen de Russen vocht. Men kent hem als dapper en volhardend. Maar hij is ook in hart en nieren: boer!. Hij verliet de ouderlijke boerenstee en bouwde zelf een moderne boerderij!
Edvard voelt dat hij oud wordt. Toch kan hij het beroep dat er op hem wordt gedaan door kapitein Falander niet negeren. Ook hij moet in 1940 een paard met slee en voer afstaan voor opnieuw de strijd tegen de Russen. En zelf gaat Edvard mee (op verzoek van Falander) om het paardentransport naar het front te begeleiden.
De geografische kaartjes voorin het boek helpen je om je te oriënteren over de tocht en de streek die wordt beschreven.
Korporaal Kettunen fungeert tijdens deze tocht voor de lezer als aangever voor het verleden van de Finse burgeroorlog. Hij vocht aan de ‘rooie kant’ en Edvard aan de ‘witte kant’. Eigenlijk roept Kettunen hem ter verantwoording voor de represailles die destijds tegen hen zijn genomen.
Tijdens deze vrijwillige tocht voor “volk en vrijheid” slaat voor Edvard het noodlot toe.
Deze verhaallijn wordt een aantal keren onderbroken door ‘Later’. Hierin speelt de ík-figuur’ een hoofdrol. Hij is historicus en nazaat van een Finse familie. ‘Later’ is min of meer filosofisch en beschouwend geschreven over hoe de ík’ zijn boek moet vormgeven, wat moet ik vertellen, moeten de personages zich schikken naar mijn plot, moet ik onderzoek gaan doen. Wat is waarheid in de historische beschrijving, wat is verzonnen om de roman vorm te geven?
Dan realiseer je je als lezer, was het deel ‘1940’ fictie? of was het werkelijk zo? of was het de werkelijkheid van de schrijver?
“… Lente dus. … De sneeuwmantel, die het land al sinds oktober bedekt, zal in de zon langzaam gaan smelten en in die eerste nachten misschien nog bevriezen tot een ruwe ijslaag die de boeren ’s ochtends dwingt voorzichtig de paarden te mennen..” (blz 13)
Wie van prachtige poëtische beschrijvingen houdt, komt in deze roman zeker volop aan zijn trekken. Er is bovendien een soort ritme tussen korte zinnen en lange zinnen. Dit valt direct aan het begin al op.
“…Links voorbij de boerderij begint de laatste donkere uithoek van de hemel op te lichten.
Tegen het steeds helderder blauw worden de besneeuwde toppen in het niemandsland
Törvesbacken zichtbaar, een bosgebied dat zo ondoordringbaar is dat geen boer zich eraan
heeft durven wagen …”(blz 46)
Wil je een boek waarin fantasie en werkelijkheid zijn vermengd in prachtige taal en beelden.. dan is dit boek zeker een aanrader!!

Reacties op: … een verweven werkelijkheid..

18
Uiterste dagen - Ferdinand Lankamp
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Bestel dit boek bij Libris.nl Bestel het boek vanaf € 19,99 Bestel het e-book € 12,99
E-book prijsvergelijker