Lezersrecensie

Meestermagiër in herhaling


Paul van Leeuwenkamp Paul van Leeuwenkamp
7 apr 2015

Door velen wordt fantasy beschouwd als een genre waarin altijd magie aanwezig is. Dat is niet terecht, maar omdat het in de praktijk bijna altijd het geval is, vooral bij de zogenaamde ‘genre fantasy’, is dat wel begrijpelijk. Gedurende het schrijven van zijn eerste reeks, “Meestermagiër”, werd Maryson “geprikkeld door de kritische houding van veel lezers ten opzichte van het veel te gemakkelijke gebruik van magie” in de “fantasy in het algemeen”. “Nou [] dan schrijf ik toch eens niet over magie!” concludeerde hij. Dat verwaterde al snel tot de gedachte om te schrijven over “niet-magie”, uiteindelijk “onmagie” genoemd. “Het eenvoudige ‘omkeren’ van de zaken, door als fantasyschrijver eens over de keerzijde van magie te schrijven, leidde tot verrassende vondsten. Die zetten me aan het denken over aard en herkomst van magie, en over de sporen van toverij in onze wereld… de toverij die samenhangt met de magie van alledag; de momenten dat je boven de aarde zweeft, omdat je heel even werd geraakt door een kunstwerk…”
Aldus, kort samengevat, het nawoord van De torens van Romander, het eerste deel van Maryson’s tweede fantasyreeks, “Onmagiër” geheten. Maryson richt zich daarmee op een interessant aspect van de fantasy, want wat is magie nu eigenlijk? “The encyclopedia of Fantasy” van Clute & Grant geeft, ondanks de uitgebreide verhandeling, geen antwoord op deze vraag. Ook de definitie in de Van Dale is niet afdoende. Eigenlijk geeft Harry Mulisch in “Hoogste tijd” nog de beste definitie, namelijk dat magie het vermogen is om de werkelijkheid te veranderen vanuit de persoonlijke verbeelding, “niet via iets anders, maar onmiddellijk”.
Dit is geen verhandeling over magie, maar door het nawoord bij “De torens van Romander” mengt Maryson zich in de beschouwingen over dat onderwerp. Hij doet dat in eerste instantie door de roman die hij de lezer voorschotelt, zoals dat ook hoort bij een schrijver. Het verhaal van Lethe, zonder magische talenten geboren op het tovenaarseiland Loh, iets dat in eeuwen niet meer is voorgekomen. Wanneer het eilandenrijk bedreigt wordt door “kleurloze magie”, waartegen de mysters van Loh geen verweer hebben, lijkt er voor Lethe een cruciale rol te zijn weggelegd. Samen met de hoogmyster Matei begeeft hij zich op een queeste, waarbij zich al snel anderen aansluiten. Daarmee introduceert dit eerste deel het groepje reisgenoten dat in volgende delen Maryson’s fantasywereld van de ondergang zullen moeten redden.
Het is dus geen boek geworden dat niet over magie gaat, en ook geen volledige omkering van de vertrouwde, met magie gevulde fantasies die het genre kenmerken, integendeel. Het is een fantasy geworden die volledig aansluit bij de overbekende patronen: na een landkaart volgt een verhaal in een middeleeuwse setting, waarin de magie van tovenaars en de politieke intriges van heersers de overhand hebben. Zoals zo vaak opent elk hoofdstuk met een citaat uit een historisch werk en natuurlijk is de hoofdpersoon een jongen die is voorbestemd de wereld te redden. En dat Lethe geen magische vermogens heeft, wordt overschaduwd door de talenten die hij wél heeft: de scherpte van zijn waarnemingen en inlevingsvermogen verrassen zelfs de hoogmyster, en dankzij zijn buitenzintuiglijke talenten spreekt hij met een vogel en met een mysterieuze intelligentie. Geen magie, maar toch wel een beetje magisch.
Het begin van de Onmagiër-reeks doet dus sterk denken aan de zes delen van de Meestermagiër-reeks, waarin Lethe de Onmagiër slechts ten dele de omkering is van Jill de Meestermagiër. Toch zijn er ook belangrijke verschillen. De stijl waarin het verhaal is geschreven, is wat directer, wat minder archaïsch, en de compositie legt meer nadruk op de feitelijke gebeurtenissen. Maryson lijkt zich meer te confirmeren aan de ongeschreven regels van het genre en dat wat hij in zijn eerste reeks heeft gepresteerd meer ervaren en vakkundiger te willen overdoen. De liefhebber van het genre zal daar geen bezwaar tegen hebben, want “De torens van Romander” leest even lekker weg als de betere Angelsaksische fantasy en maakt de lezer nieuwsgierig naar de verdere ontwikkelingen. En wellicht dragen de volgende delen als extraatje toch nog bij aan de invulling van het begrip magie.

Reacties

Meer recensies van Paul van Leeuwenkamp

Boeken van dezelfde auteur