Lezersrecensie
De bramenpluk
Reizen was eerst louter leuk, maar het kreeg op een gegeven moment die tweeledigheid die sindsdien grenzeloze uitbundigheid in de weg staat. Waar ik ook naartoe ga. Reizen is ontdekken, nog steeds, maar reizen is toch ook telkens - soms meer, soms minder, soms langer, soms korter - afscheid nemen. Ik stond ooit op Zaventem, rond kerst. Ik geloof niet dat ik me een droeviger beeld voor de geest kan halen dan een kerstboom op een vliegveld. Verschrikkelijk.
De gedichten in ‘De bramenpluk’, Miriam van Hee’s zevende bundel uit 2002, gaan over liefde, kunst, dieren, landschappen, maar vooral over reizen. Van Hee registreert, ze neemt zo hemelsmooi waar. Een aktie, een blik, een voorwerp, niets stopt bij wat we precies zien of voelen, maar het deint net even langer door. Alles krijgt een aura, een flinterdun fijnkorrelig laagje dat de harde lijnen van het hier en nu doet vervagen. Het nu krijgt iets mee van het vóór en van het na. En het reizen krijgt iets mee van de aankomst, en ook van het vertrek.
‘De bramenpluk’ is een parelsnoertje.
,,afscheid
hij maakte een foto van ons
in de regen, op het perron,
we wezen hem waar onze kinderen
woonden, hij vond het woord ‘ginder’
zo mooi, hij wuifde en reed
achteruit naar het noorden
zo gaat het altijd in stations:
wij hadden plots tijd en geen woorden
het regende harder en ginder was ver
we hoorden de wind in het trapgat,
we hoorden de tijd zonder ons''
Miriam van Hee – “De bramenpluk” (2002)
●●●●● (5/5)
De volledige recensie (met plaatjes en fragmenten) vind je hier: https://rondetijd.blogspot.com/2022/10/de-bramenpluk.html