Lezersrecensie
een fragiele, poëtische novelle
Een bijna volmaakte vriendschap geeft een inkijk in de onwaarschijnlijke vriendschap tussen een zakenman en een jongeman die zichzelf uit vrije wil twee jaar lang in zijn kamer opsloot. Er gebeurt op het eerste zicht erg weinig, maar de schrijfstijl van Milena Michiko Flašar is van meet af aan betoverend.
Taguchi Hiro zet na twee jaar afzondering aarzelend opnieuw stappen in de wereld. Wandelen, spreken, mensen zien… het zijn enorme obstakels waar hij onwennig overheen moet. Op een bankje in het park ziet hij steeds dezelfde man. Die ziet eruit als een zakenman, maar brengt zijn uren door met het lezen van de krant, het eten van zijn lunch en slapen. De manier waarop de geleidelijke toenadering beschreven wordt is verrassend poëtisch. Zowel het ritme als de woordkeuze doen vaak aan een gedicht denken. Dat het vormelijke op geen enkel moment de inhoud in de weg staat maakt het boek des te mooier.
De aandacht voor kleine details en filosofische bemerkingen maken van de ik-verteller een personage dat me onmiddellijk kon boeien. Zo voelt hij in het begin een enorme angst om een band te krijgen met de man op de bank tegenover hem. De tweede keer dat hij die man ziet, is er al een band simpelweg omdat hij hem herkent. De volgende stap is dat hij die man benoemt; door de man een bijnaam te geven is de connectie niet langer te ontkennen – al is de man zich daar op dat moment nog helemaal niet van bewust en hebben ze nog geen woord gewisseld. Hoe de toenadering zich verder ontwikkeld wordt op een tedere manier weergegeven.
In de verhalen die ze elkaar vertellen wordt pijnlijk duidelijk hoezeer de maatschappelijke structuren in Japan op schaamte en eergevoel gebaseerd zijn, en hoe moeilijk het is om daaruit te ontsnappen. Maar wat vooral blijft hangen is hoe troostrijk vriendschap en wederzijds begrip kunnen zijn.
Een bijna volmaakte vriendschap is een fragiele, poëtische novelle die me helemaal tot rust wist te brengen.