Lezersrecensie
Wat maakt een thuis een thuis?
Al wat goud op de bergen is is de debuutroman van C Pam Zhang. Deze roman werd genomineerd voor de Booker Prize 2020.
Het verhaal speelt zich af in het westen van de USA in de 19e eeuw. Het verhaal wordt grotendeels verteld vanuit het perspectief van Lucy, een 12-jarig meisje van Chinese afkomst. Zij moet samen met de één jaar jongere Sam zien te overleven na de dood van hun ouders. Ze trekken een onherbergzaam gebied in om het lichaam van hun vader te begraven. Dit moet volgens de Chinese traditie thuis gebeuren, maar waar is thuis als je je hele leven hebt rondgetrokken, voortgedreven door de goudkoorts?
‘Wat maakt een thuis een thuis?’ vraagt Lucy.
Hierna gaat het verhaal terug in de geschiedenis met het levensverhaal van hun ouders, waardoor er meer duidelijk wordt over hun achtergrond en drijfveren. Gelokt met valse beloften, steeds weer uitgebuit en uitgekotst vanwege hun afkomst, bleven ze op zoek naar goud en geluk.
Daarna maakt het verhaal een sprong voorwaarts in de geschiedenis. Lucy en Sam ontmoeten elkaar vijf jaar later opnieuw. Ze leiden inmiddels heel verschillende levens, maar voelen zich ook eenzaam.
En toch is het land mooi in hun ogen, omdat het ook hun thuis is geweest.
Ze besluiten om weer samen op avontuur te gaan en begeven zich op weg naar de kust om de oceaan over te steken. Daar hebben ze nog wel wat goud en geluk bij nodig.
En dat, juist dát kan zij niet zien: een wereld zonder Sam.
Lucy en Sam zijn heel verschillend. Lucy zoekt stabiliteit, is leergierig en droomt van een mooie toekomst. Sam is stoer, worstelt met haar identiteit en wil gezien worden. Ondanks de karakterverschillen en de omstandigheden is de familieband sterk.
Wat maakt een familie een familie?
Belangrijke thema’s in deze roman zijn immigratie, afkomst, identiteit, racisme, familie en eenzaamheid. De centrale vraag is, waar voelt een immigrant zich thuis? Geboren in een nieuw land met een andere cultuur, opgevoed in de cultuur van het oude land en bovendien met de uiterlijke kenmerken van deze bevolkingsgroep, is het moeilijk om ergens bij te horen.
De schrijfstijl van C Pam Zhang is beeldend. De beschrijvingen van de natuur en het harde leven van de immigranten zijn rauw en realistisch. De personages worden weergegeven met hun angsten en onzekerheden, en toch wordt er ook zo veel niet gezegd en opengelaten ter invulling door de lezer.
Al wat goud op de bergen is is een knap debuut van een echte verhalenverteller.