Lezersrecensie
Een fantastisch boek over een meisje met ADHD
Yuki en Sem zijn beste vrienden. Als Yuki mag kiezen wat ze spelen, dan spelen ze altijd dat ze een hond zijn. Yuki is Bommel en Sem is Boef. Op een dag is Yuki op school Bommel en gaat er iets mis. Sem is boos en Yuki wil het goedmaken. Heel lang heeft hij geen idee, maar dan opeens bedenkt hij een meesterlijk, maar best gevaarlijk plan. Zou dit lukken?
Bij de vijver zie ik dat Boef nog steeds aan het hengelen is. Wat doet hij toch moeilijk! Hij heeft echt veel over voor een paar stomme punten. Hij probeert de bal naar de kant te krijgen door golven te maken. Zo doet een hond dat helemaal niet.
Dan spring ik in het water.
Ik geloof niet dat ik daarover nadacht.
Het water stroomt haastig mijn broekspijpen in. Eén tel later is zelfs mijn onderbroek nat. Het is veel kouder dan ik dacht. Ja, het is ook al bijna herfst.
‘Yuk!’ roept Boef geschrokken.
‘Bommel!’ roep ik. Het water golft mijn mond in. Ik spuug het uit en zwem naar het midden. Als ik bij de bak ben, gooi ik die naar Boef. ‘Hier, Boef!’roep ik. ‘Twintig punten voor mij.’
Sem komt overeind en vangt. ‘Goed gedaan, Bommel!’
Bommel en ik is een heerlijk verhaal om voor te lezen in groep 4. Het gaat over een druk meisje dat vaak denkt dat ze een hond is. Meestal is dat niet zo handig, maar soms komt het wel goed uit. Tijdens het (voor)lezen kun je met de groep praten over het gedrag van Yuki, of over bepaalde gebeurtenissen. Het ok kun je ze laten voorspellen wat ze denken dat er gaat gebeuren. Zo betrek je de hele groep bij dit boek. Enne Koens schreef dit boek, wat je ook kunt uitleggen als een boek over iemand met ADHD. De illustraties zijn van Roozeboos. Wat is erg sterk vind, is de kaft van het boek. De tweedeling wat betreft kleuren maken al veel duidelijk. Zeker na het lezen van dit boek. Ook hierover kun je met kinderen in gesprek gaan. Zo leer je ze ook dat een kaft soms heel veel over een verhaal zegt. Je merkt het vast al wel, ik ben echt heel positief over dit boek!
Enkele mooie stukjes:
Oma lacht. ‘Gisteren was ik nog zestien,’ zegt ze. ‘En eergisteren nog maar een kind.’
‘Het is weer maandag, groene-banaandag, oma-past-opdag, vers-broodmaandag, een nieuw begin!’