Lezersrecensie
Mozaïek van Damascus, Syrië, Arabië
Het idee voor het boek ontstond toen Rafik Schami in 1962 als 16-jarige zag, hoe een moslimvrouw vermoord werd, omdat ze verliefd was op een christen. Toen heette hij nog Suheil Fadél.
De roman zou pas in 2004 verschijnen op de Frankfurter Buchmesse, die Arabië als thema had. Zo lang had Rafik Schami nodig om als verteller te groeien en de mozaïek van de vete tussen de Schahins en de Muschtaks en de verboden liefde tussen Rana en Farid te leggen.
Eerst lijkt het verhaal de kant van een liefdesgeschiedenis uit te gaan, dan weer gaat de moord op Mahdi Said met de aandacht lopen en voor je het goed beseft, vertoef je aan het begin van de jaren 1900, wanneer er een vrouw wordt geschaakt, wat natuurlijk gewroken wordt. Zo komen we in het bergdorp Mala aan, dat naast Damascus een belangrijke rol in het verhaal speelt.
"Damaskus ist ein Mosaikgemälde, dessen Steine über achttausend Jahre lang von Reisenden zusammengefügt wurden."
Van beide families is er een stamboom in het boek opgenomen, zodat je de verschillende intriges kunt volgen. Alles komt in korte hoofdstukken aan bod en geeft een uitstekend beeld van de tijdsgeest. Vooral het feit dat de ouders de huwelijkspartner voor hun kinderen kiezen, komt in verschillende verhaallijnen naar voren. Als de kinderen hiermee niet akkoord gaan, wordt het pas echt interessant.
Het grote boek, bijna 900 blz. dik, is niet alleen in hoofdstukken onderverdeeld. Zo heb je bijv. Buch der Einsamkeit als Elias Farid als straf naar het klooster stuurt, Buch der Hölle als Farid als communist in de gevangenis terechtkomt. Soms is er ook een Buch des Lachens met bijv. anekdotes van Josef en Farid en hun vrienden als tegengewicht voor de zwaardere thema's zoals de politieke spelletjes, de corruptie, de folteringen...
Het verhaal is heel afwisselend en wordt dankzij de humor nooit té zwaar.
Een voorbeeld uit een brief die Farid vanuit het klooster aan zijn moeder schrijft:
"Auch deine Küche vermisse ich hier bei diesem Kasernenfraß. Angeblich zählen alle Gaumenfreuden zu den Sünden. Ich bete jeden Tag für dich, Mama, damit Gott dir deine Genüsse verzeiht. Dein Sohn im Exil"
Vanzelfsprekend geraakte deze brief niet door de censuur.
Bij ieder Buch staat er een citaat. Een voorbeeld voor alle boekenliefhebbers:
"Meister wird, wer trotz der Schule Bücher liest"
Aan het einde staat het Buch der Farbe, de mooiste epiloog die ik ooit heb gelezen met daarin de ontstaansgeschiedenis van de roman.
Als je het leven van Farid en Rafik vergelijkt, zijn er overeenkomsten, zoals de studies, de vlucht en zelfs hun vader die bakker is, maar het is geen autobiografie. In een eenvoudige mooie taal leer je Syrië en de inwoners beter kennen in een tijd dat er soms meer presidenten in een jaar zijn dan maaltijden op een dag.
Rafik Schami ziet zijn eigen werk als een mozaïek, mij doet het denken aan Charles Dickens met zijn verhalen die eerst in feuilletonvorm in de krant verschenen. Twee meestervertellers, elk met hun eigenheid.