Advertentie
    Stef Smulders Auteur

Ik kan niet overweg met de schrijfstijl van deze auteur, teveel kortsluitingen. Vind het vaak onhandig geformuleerd en er zijn gedachtesprongen die ik niet kan volgen. Het zijn typische beginnersfouten.

P.7: op pcscherm verschijnt een foto van Olivier en Fie, Olivier ziet zichzelf en denkt ‘... en voor het eerst, ondanks alle kleine tekens onderweg, zag hij dat hij er nu was.’ Tekens onderweg? Dat hij er nu is? De schrijfster bedoelt waarschijnlijk dat Olivier tijdens het downloaden wel zag dat hij het was die op de foto stond maar dat hij het nu pas echt ziet. Heel knullig geformuleerd!
P.7. ‘Dag in dag uit had hij zich achter computers, in inbouwkeukentjes, in de metro gepropt.’ Ik zie hem helemaal zitten, opgevouwen in een keukenkastje.
P.9 ‘Sylvie wist inderdaad altijd wat ze moest dragen, en wat ze moest zeggen. Wat ze moest doen. Een wit boeket en een mand met rozenblaadjes, had ze gezegd toen hij zijn moeder moest begraven. Goddank dat hij die bij zich had.’ Dus Sylvie zei wat hij moest meenemen naar de begrafenis en o wonder, laat hij dat boeket en die mand nou net bij zich hebben!???
P.13 ‘ ... een oude schoenendoos op de hoek van de boekenkast.’ Op de hoek? Welke hoek?
P.16 Olivier gaat naar een straat waar hij herinneringen van vroeger aan heeft, hij kijkt er aan het begin van de straat naar en denkt ‘Nu is het nog de straat van vroeger. Als hij verder liep, nam hij het heden mee.’ In zijn hoofd is het nog de straat van vroeger ja, maar de straat waar hij naar kijkt is die van het heden. Als hij verder loopt, dringt het heden het beeld in zijn hoofd binnen, maar hij neemt zelf het verleden mee. Weer erg onhandig verwoord.
P.24 ‘Op dinsdagochtend verzamelden ze zich... Het was de eerste excursie van het semester. Olivier was er al en stond boven aan de trap te wachten.’ Dit wordt verteld vanuit het perspectief van een onafhankelijke waarnemer, maar we zitten verder altijd in het hoofd van Olivier. Kan niet. Fout.
P.28 ‘Sinds ze teamgenoten waren, had Jacques een kind gekregen en Olivier een leerstoel.’ Een kind ‘krijgen’ is iets anders dan een leerstoel ‘krijgen’. Je kunt het zo niet formuleren.
P.38 ‘Een paar keer, tussen de langs waaiende vrienden door, besloot hij naar haar toe te gaan.’ Besluiten tussen vrienden door?
P.48 ‘Ze had een nieuwe hobby nodig. Een jongen misschien, die lekker rook. Al kon ze zich dat in deze kamer eigenlijk niet voorstellen. Het was hier zo schoon.’ Past een lekker ruikende jongen niet in een schone kamer? Een stinkende jongen misschien niet, maar een lekker ruikende? Of is hier weer een onuitgesproken gedachtesprong: jongen, seks, vies, past niet?
P.49 skypen: ‘Ik zie wel. Ik regel wel wat. Dag,mam!’ ‘Dag, Fie!’ En weg was haar moeder, voor ze nog wat zeggen kon.’ Maar wat had ze anders verwacht, wat zou ze nog willen zeggen, ze had zelf immers al dag gezegd?
P.50 ‘Sommige gevels herbergden een archiefkast aan herinneringen.’ Lelijke beschrijving. Zit er een gat in die gevels waar de archiefkast in staat?

En neem het hoofdstukje 13 over de onverwachte zwangerschap van de vroegere geliefde van Olivier: is ze nu blij of niet? Is ze expres zwanger geworden of niet? Is hij verrast of niet? Ik kan het niet volgen.

Ook de karakters kunnen me niet boeien, ze blijven op afstand, hebben iets mechanisch.

Reacties op: Beginnersfouten

168
De hemel boven Parijs - Bregje Hofstede
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Onze partners