Wanneer dromen geen uitweg bieden.
Met De ondergang keert Édouard Louis terug naar het terrein dat zijn werk zo herkenbaar maakt: zijn familie, het verleden en de vraag hoe mensen vast kunnen komen te zitten in een leven dat ze eigenlijk niet willen. Dit keer staat zijn oudere (half)broer centraal, die op 38-jarige leeftijd stierf aan de gevolgen van jarenlang alcoholisme. Het boek begint niet met rouw, maar met leegte. Wanneer Louis hoort dat zijn broer is overleden, voelt hij niets. Geen verdriet, geen boosheid, geen opluchting. Die afwezigheid van emotie vormt het hart van het boek.
De broer die Louis beschrijft, was een moeilijke man; hij dronk, gokte, was gewelddadig tegenover vrouwen en vijandig tegen anderen, onder meer vanwege zijn homofobie. Hij geloofde dat het leven hem iets verschuldigd was, maar kreeg nooit wat hij dacht te verdienen. Tegelijk droomde hij over een leven vol succes, geld en erkenning. Hij wilde gezien worden, geliefd zijn, vooral door de vader die uit zijn leven was verdwenen. Geen van die dromen kwam uit.
Louis wil zijn broer niet verdedigen of verontschuldigen, en maakt het de lezer niet makkelijk om sympathie op te vatten. Maar hij weigert ook om hem simpelweg af te schrijven als een mislukkeling of slecht mens. In plaats daarvan onderzoekt hij hoe dit leven zo heeft kunnen lopen; hoe iemand die zo graag weg wilde uit zijn bestaan, nooit leerde hoe dat moest.
De jeugd speelt daarin een grote rol. De broers groeiden op in een arm en gewelddadig milieu, met een vaderfiguur die hen vernederde en een moeder die niet ingreep. Affectie ontbrak, net als steun of aanmoediging. De broer bleef vastzitten in dat patroon en herhaalde het geweld dat hij zelf had gekend. Édouard wist uiteindelijk te ontsnappen, door te studeren en te schrijven. Dat voelbare verschil roept ook vragen op: waarom lukt het de één wel en de ander niet?
Verder is De ondergang geen boek over verdriet om een geliefde, maar over het gemis van een band. Louis worstelt met het idee dat hij zou móéten rouwen omdat het nu eenmaal zijn broer is, en stelt zich openlijk de vraag of dat wel waar is. Want als iemand vooral pijn, schaamte en afstand heeft veroorzaakt, waarom hoort zijn dood dan toch verdriet op te roepen?
Die eerlijkheid maakt het boek soms hard, maar ook verfrissend. Louis laat zien dat gevoelens niet altijd passen binnen de verwachtingen die de samenleving heeft, zeker niet als het om familie gaat. Rouw is hier geen vaststaand proces, maar iets verwarrends en tegenstrijdigs.
De stijl is sober en direct, helder en zonder opsmuk. Louis analyseert, stelt vragen en laat de lezer veel ruimte. Juist doordat hij weinig emotionele taal gebruikt, komt het verhaal des te harder aan. De afstand die hij bewaart, is noodzakelijk, ook om niet zelf ten onder te gaan aan het verhaal van zijn broer.
De ondergang laat zich niet als een aangenaam boek lezen. Het is ongemakkelijk, confronterend en soms pijnlijk. Maar de grote precisie waarmee Édouard Louis toont hoe levens worden gevormd door omstandigheden, keuzes en gemis, en hoe moeilijk het kan zijn om van je afkomst los te raken, maakt dit vooral een krachtig boek.
Reageer op deze recensie
