Lezersrecensie
Een eindeloze zoektocht zonder doel
In de tweede roman van Hanneke Hendrix vluchten drie vrouwen met brandwonden uit een ziekenhuiskamer. Ze weten niets van elkaar, alleen dat de politie naar hen op zoek is. Hun vlucht slaat al snel om in een absurde reis door Nederland. De zoektocht die volgt is zelfs zo absurd dat het bijna een ongeloofwaardige actiefilm wordt.
Zoektocht mist doel
‘Tijd is als de weg die onder je auto door schiet en Vandersteen zit achter het stuur en ik zit naast haar en voor ons strekt het asfalt zich voor ons uit, schiet het asfalt onder onze wielen vandaan en de zon schijnt en de snelweg dendert met ons mee door de bomen […]’ Wanneer het hoofdpersonage van deze roman, mevrouw Van Veen, op de vlucht slaat met haar twee metgezellen uit het ziekenhuis, volgt een absurde aaneenschakeling van gebeurtenissen. De gevluchte vrouwen zijn op zoek naar vergeving of een doel in het leven, zoals vooral uit de eerste en laatste bladzijden van het verhaal blijkt. Deze passages zijn erg goed geschreven en maken de lezer nieuwsgierig naar de uitkomst van deze zoektocht.
Eenzaamheid is wat overblijft
De passages over het verleden van Van Veen zijn echter te fragmentarisch en niet genoeg uitgewerkt om goed bij te dragen aan het geheel. Door dit onvolledige beeld van de persoon die Van Veen is, is het lastig voor de lezer zich met haar te identificeren. Van Veen is een eenzaam personage, zelfs de lezer begrijpt haar niet. ‘Dat dit is wat ons bindt, als mens. Dat we alleen zijn en dat we alleen maar onszelf hoeven te vergeven voor alles.’ Hendrix probeert dit over te brengen in de absurdheid van de hele trip, maar het komt niet echt over: de samenhang mist, de lezer raakt het doel dat voor ogen is kwijt. Het hele verhaal kabbelt maar een beetje voort, zonder een idee van waar de auteur naartoe wil. Maar wellicht is dat nu juist het punt dat Hendrix wilde maken: ‘Het leven overkomt je. […] Iedereen doet maar wat. Er is geen plan.’ De roman is als zoektocht dus geslaagd, maar helaas leidt deze zoektocht ons niet naar een mooie ontknoping en blijft de mens altijd alleen achter.
[Deze recensie verscheen eerder (2014) op CLEEFT]