Lezersrecensie
Het zevende gebod: matige Middeleeuwse detective
(Deze recensie verscheen eerder in het Elf Fantasy Magazine)
In het jaar 1320 wordt in het vredige dorpje Crediton, Engeland, een goudhandelaar vermoord. De vrederechter Sir Baldwin probeert met zijn vriend Simon het misdrijf op te lossen, maar de belangrijkste getuigen lijken doelbewust de waarheid te verhullen. Daarnaast krijgt Baldwin te maken met de wrede smid die de bevolking ophitst tegen de plaatselijke leprozen, en komt ondertussen de vrouw logeren waar hij al zo lang verliefd op is.
Het Zevende Gebod (‘Gij zult niet echtbreken’) is het zesde deel in de Sir Baldwin reeks, maar het motiveert mij niet om ook de eerste vijf boeken te lezen. De research is zorgvuldig gedaan, en het plot zit stevig in elkaar met een mooie twist aan het einde, maar daar houdt het ook op. De personages blijven oppervlakkig, met weinig interessante karaktertrekjes en de vertaling is houterig en hinkt regelmatig heen en weer tussen ouderwets en plat (“Die verdomde ellendeling zat me te stangen!”). Daarnaast wisselt Jecks nog wel eens van hoofdpersoon zonder dat de lezer dat doorheeft, en als alwetende verteller verraadt hij van alles. Tenslotte lijkt de moordenaar na de eerste moord geen bedreiging meer te vormen, wat de spanning en het gevoel van urgentie in het boek niet ten goede komt.
Het Zevende Gebod bewijst dat een Middeleeuwse detective meer nodig heeft dan alleen logische consistentie en historische correctheid. Ik zou zeggen: lees gewoon Eco’s De Naam van de Roos en wacht af of Jecks’ volgende deel beter is.