Lezersrecensie
Ongewone, nu en dan spannende avonturenroman in sublieme setting
Hij geeft de pijp niet aan Maarten; halsstarrig blijft de Vlaamse auteur Bruno Buteneers (1981) volhouden. Dit siert hem, het is immers niet zo eenvoudig om als selfpubber door het schrijversleven te moeten gaan. Ook Junglekoorts - zijn nieuwste schepping en tevens derde boek – geeft hij uit in eigen beheer. In deze avontuurlijke thriller – zo staat het in ieder geval vermeld op de cover – mixt Buteneers kundig realiteit met fictie.
“Ook nu, op enkele kilometers boven de zeespiegel, wist ze bijna perfect wat ze wilde. Sarah ging haar uiterste best doen om het te krijgen. Haar vader zou haar sowieso helpen, dat wist ze wel zeker. Maar het was nog te vroeg om hem alles te vertellen, veel te vroeg.”
Sarah is een tiener, het meisje lijdt aan een zeldzame ziekte die haar wel eens fataal zou kunnen worden. Haar finale droomwens wil ze echter helemaal waarmaken. Wat volgt is een pakkend en boeiend verhaal dat zich afspeelt, diep in het Amazoneregenwoud van Ecuador. Ver weg van alles en iedereen. Een paradijs is het ginds, in Resort Kolibrie, waar de gefortuneerden der aarde op luxueuze wijze genieten van de schoonheid van de mysterieuze jungle. Haar ultieme droom wordt werkelijkheid, in het gezelschap van en bijgestaan door haar vader Wim. Komt het echte gevaar vanuit het tropische regenwoud, of leidt het verhaal naar een happy end?
“De wereld is gevaarlijk. Niet vanwege de mensen die gemeen zijn, maar vanwege de mensen die er niets tegen doen.”
Junglekoorts begint ietwat vaag/onscherp; nadien breekt deze originele en nu en dan spannende avonturenroman - in een sublieme setting - helemaal open. Knap verteld, het verhaal van Sarah en Wim wordt weergegeven in een toegankelijke taal. Uurtjes aangenaam leesvoer dus. De belangrijkste karakters met hun persoonlijk verleden worden keurig neergezet.
Aan thema’s geen gebrek: uiteraard gaat het over zeldzame ziekten (‘ZZ’ genoemd), maar ook het reilen en zeilen binnen de farmaceutische wereld krijgt de nodige aandacht. Tevens speelt de jungle een belangrijke rol, is er ruimte voor vergelding en moord, het huidige leefmilieu en het belang van de informatica…
Het nawoord, geschreven door Em. Prof. Cassiman, is opvallend interessant en leerrijk. In bevattelijke taal vertelt hij over ziekten die bij de meeste mensen totaal onbekend zijn.
Woorden van lof ook voor Buteneers’ grondige voorbereiding en opzoekingswerk. Hij gaat met helemaal los met zijn onbegrensde fantasieën. Zodanig geestdriftig zelfs, dat de plot extra diepte zal missen. Meer dan waarschijnlijk tilt een erg strenge eindredactie het boek naar een hoger niveau. Daarom is het bijzonder jammer, dat dergelijk talent nog steeds geen onderdak vindt bij een degelijke uitgeverij.