Lezersrecensie
Dicht bij het leven van de keizer
In 1973 werd aan John Williams de National Book Award toegekend voor wat zijn laatste roman zou blijken te zijn: Augustus. Dat het boek nu pas is vertaald, heeft uiteraard alles te maken met het eclatante succes van Williams' roman uit 1965: Stoner.
Gaat Stoner over een doorsnee docent op een doorsnee universiteit die een doorsnee leven leidt, bij Augustus draait het om de eerste Romeinse keizer Augustus, die rond het begin van de jaartelling heerst over het grote rijk. Een groter contrast is amper voorstelbaar, maar op een dieper niveau zijn er wel degelijk overeenkomsten tussen beide romans. Tussen het spel rond de macht op een kleine universiteit of op het Romeinse Forum blijkt geen fundamenteel verschil, alleen de maatschappelijke gevolgen zijn groter. Bovendien zijn er parallellen op privégebied. Waar Stoner wordt geconfronteerd met een dochter die niet gelukkig is en jong zwanger raakt, ziet Augustus zich genoodzaakt – als onderdeel van het machtsspel – zijn dochter Julia te verbannen omdat zij zijn strenge zedenwetten had overtreden.
Augustus is een brievenroman. De hele geschiedenis van de keizer wordt in briefvorm verteld. Dat heeft voor- en nadelen. De betrokkenheid van de verschillende brievenschrijvers – vrienden en vijanden van Augustus – brengt de lezer dicht bij de feiten. Maar het doet hier en daar geforceerd aan. Ook alle uitleg moet dan ergens in een brief worden verstopt. Aan het eind blikt een al verzwakte Augustus in een lange brief terug op zijn leven. Williams ontkomt er niet aan de historische ontwikkelingen in het latere leven van keizer Augustus daar in onder te brengen.
De brieven geven de roman de schijn van authenticiteit. Alsof Cicero en Maecenas echt aan het woord komen. Het is jammer dat Williams vrijwel iedere scribent in dezelfde stijl laat schrijven. Een gemiste kans. De roman blijft desondanks fascinerend om te lezen.