Lezersrecensie
Martelen tot kunst verheven
Geen betere plek om zelfmoord te plegen dan een cruiseschip. Een sprong over de reling op volle zee en je wordt nooit meer gevonden. Elk jaar zijn er gemiddeld 23 zelfdodingen vanaf zo’n schip, en dit gegeven gebruikte de Duitse thrillerauteur Sebastian Fitzek als uitgangspunt voor zijn boek Passagier 23.
Het luxe schip Sultan of the Seas vaart van Southampton naar New York. Een reis van nog geen week, maar lang genoeg om meerdere verdwijningen en moorden te doen plaatsvinden. Rechercheur en psycholoog Martin Schwartz is niet toevallig aan boord: jaren eerder zouden zijn echtgenote en zoontje vanaf hetzelfde schip in het diepe water zijn gesprongen. Hij heeft altijd aan zelfmoord getwijfeld.
Fitzek voert een lange reeks personen op, die ook nog eens in de meest bizarre en gruwelijke situaties verzeild raken. Zo wordt een vrouw gevangen gehouden in een ankerput. Als ze bijna de hongerdood sterft krijgt ze rijst voorgezet die besmet is met spirometra mansoni, een lintworm die zich langzaam door het lichaam vreet richting hersenen. Ook lijken zo ongeveer alle hoofdpersonen verdacht, van de kapitein en de foute reder die heel toevallig ook meevaart, tot een Aziatisch kamermeisje aan toe.
De vele personen en plotwendingen vragen veel aandacht van de lezer. Soms lijkt het alsof er zelfs te veel gebeurt, dat het allemaal te ver gezocht is. Wat te denken van een vrouwelijke verkrachter die zelf als kind misbruikt werd door (toen nog) zijn moeder? Een band opbouwen met de karakters is er daarom niet bij, dus ontbreekt ook het medeleven over alle ellende die velen van hen over zich uitgestort krijgen.
Pas in het tweede deel van het boek ontrafelt zich langzaam de ontknoping. Beetje bij beetje geeft de schrijver meer details prijs, zodat de lezer begrijpt waarom bepaalde handelingen plaatsvinden. Waarom ouders maar ook kinderen omgebracht worden, en welk gruwelijk geheim zij met elkaar delen.