Lezersrecensie
Road roman schreeuwt om verfilming
Wil Hanneke Hendrix (1980) scenarioschrijver of romanschrijver zijn? Het tweede boek van de Nijmeegse, ook bekend van toneel en hoorspelen, schreeuwt om verfilming. Het vlotte verhaal over drie vrouwen die ontsnappen uit een bewaakte ziekenhuiskamer en samen op de vlucht slaan met een eiland als reisdoel, bestaat voor zo’n groot deel uit dialogen dat het leest als een filmscript. ‘Road roman’ staat op de kaft, dus een ‘road movie’ zal het dan worden.
Net als de Amerikaanse klassieker On the road van Jack Kerouac leert De dyslectische-hartenclub lessen over vriendschap en eenzaamheid, alleen valt er bij Hendrix veel meer te lachen. En net als in On the road is niet het hoofdpersonage maar een ander de gangmaker. In De dyslectsche-hartenclub is dat Vandersteen, die als ze aan het woord is wordt omschreven als ‘een ouwe cabaretier op haar kruk’. Als dit boek een zoektocht is naar een balans tussen tragedie en komedie, zijn het de situaties waarin Vandersteen op haar kruk zit dat de balans dreigt door te slaan naar te veel lolligheid, zoals wanneer de vrouwen een wietplantage vinden en stoned worden.
De drie hebben een dyslectisch hart: het leven snappen ze op zich wel, maar in hun hoofd werkt het gewoon anders. Net als haar debuut De verjaardagen uit 2012, dat de shortlist haalde van drie literaire prijzen maar er geen won, gaat dit verhaal over de onmogelijkheid tot contact maken. Hendrix geeft de personages opnieuw huidproblemen. Lies in De verjaardagen heeft een ongeneeslijke huidziekte en krijgt blaren bij iedere aanraking, de drie vrouwen in De dyslectische-hartenclub hebben brandwonden. Onaanraakbaar zijn we, wil de schrijfster maar zeggen. Tragisch ja, maar dat wil niet zeggen dat er niks te lachen valt in het leven.