Lezersrecensie
De grenzen en mogelijkheden van het geheugen
De Zweedse auteur Alex Schulman (1976) zorgt met de openingszin “Het begon met een dode rat in de kelder” in zijn boek De zeventiende voor directe nieuwsgierigheid naar meer. Schulman heeft met dit derde Nederlandse boek opnieuw een pakkend verhaal geschreven dat is vertaald door Angélique de Kroon.
Alex Schulman is behoorlijk openhartig over zijn eigen jeugd die gekenmerkt werd door zijn aan alcohol verslaafde ouders, de kille, ongeïnteresseerde sfeer en de disfunctionele gezinssituatie. Schulman gebruikt zijn jeugdherinneringen in zijn boeken waar autobiografische kenmerken in zijn verwerkt.
De hoofdpersoon in De zeventiende is Vidar. De vijfenveertigjarige Vidar is leraar op een middelbare school. Hij is geschorst en beschuldigd van geweld tegen een leerling en in afwachting van het lopende onderzoek. Terwijl hij de kelder opruimt en schoonmaakt komt hij een verhuisdoos tegen die hij na zijn vaders overlijden heeft meegenomen uit diens appartement. In de doos ligt het oude adresboekje van zijn vader. Op een van de pagina’s komt hij het telefoonnummer tegen van het huisje waar Vidar vroeger met zijn ouders en zus de zomers doorbracht. Vidar besluit het nummer te bellen…..
Vanaf hier ontstaan er twee tijdlijnen in het verhaal: het heden en het verleden. Als Vidar het nummer van het zomerhuisje van vroeger belt komt hij iedere keer uit op dezelfde dag in zijn jeugd, 17 juni 1986.
Vidar begint obsessief deze ene dag uit zijn jeugd in kaart te brengen. Hij krijgt wanneer hij belt steeds een ander gezinslid aan de telefoon, maar hij probeert vooral de achtjarige Vidar te bereiken. Wat is er die dag gebeurd?
"Je kunt niet zomaar naar je jeugd bellen en hopen op een beetje geluk. Je krijgt misschien wel gehoor, maar geen toegang."
Schulman maakt voor het vertellen van zijn verhaal gebruik van het geleidelijk onthullen, langzaamaan worden stukjes informatie gegeven. Hij wisselt zijn tijdlijnen tussen heden en verleden ongeveer per hoofdstuk af. In het heden wil je begrijpen waarom Vidar zich gedraagt zoals hij zich gedraagt (heeft hij echt iets fout gedaan? Is hij agressief?). In het verleden wil je vooral graag begrijpen wat er is gebeurd? Het voelt niet goed, beklemmend en dreigend, maar waarom? Schulman maakt veelvuldig gebruik van het show-don’t-tell principe. Hij beschrijft wat er gebeurt en hoe de personages zich tot elkaar gedragen, maar de emoties worden daarbij niet benoemd, die mogen zelf ingevuld worden.
Het boek kent korte hoofdstukken met korte zinnen en het verhaal is geschreven vanuit het ik-perspectief. Bijna ieder hoofdstuk eindigt met een kleine cliffhanger waardoor een grote behoefte ontstaat om nog een hoofdstuk door te lezen.
"17 Juni weet hoe hij begint, en hoe hij eindigt, en als hij vandaag niet krijgt wat hij wil, dan morgen wel."
Schulman schetst met De zeventiende een beeld van een ongelukkig gezin waar het alcoholmisbruik van de grillige en dominante moeder de hele gezinsdynamiek beheerst.
Door het hele verhaal is duidelijk dat er iets niet klopt, de kille en onveilige sfeer zijn goed neergezet door Schulman en wat is er precies aan de hand met 17 juni 1986? De zeventiende verkent de grenzen en mogelijkheden van het geheugen.
Schulman kan niet alleen goed schrijven over kinderen die op hun hoede zijn en de bijbehorende dreigende sfeer, maar hij laat de lezer deze beklemming ook voelen.