Lezersrecensie
Het parallele leven van Stephen en James
Het boek beschrijft het jonge leven van Stephen Dedalus. Hij beschrijft zijn thuis met vader en moeder en de aanwezigheid van Dante en oom Charles. Hij woont in Wicklow.
Als hij dertien is wordt hij door zijn ouders naar een kostschool, Clongowes Wood College, gebracht en heeft enorme heimwee. Hij vindt niet makkelijk aansluiting bij de andere jongens, maar wordt niet systematisch gepest. Al wordt hij op een dag door Wells in de afvoergeul geduwd omdat hij zijn snuifdoos niet voor diens kampioenskastanje wilde ruilen en laat hij hem ook daarna niet met rust. Waarschijnlijk als gevolg van zijn onvrijwillige duik, wordt Stephen ziek en opgenomen in de ziekenzaal. Ook daar hoopt hij dat zijn ouders hem op komen halen, omdat hij ziek is.
Hij begrijpt weinig van de dingen waar de jongens het over hebben en snapt niets van politiek. Hij is eigenlijk alleen maar geïnteresseerd in taal en schrijven.
Met kerst is er aan tafel felle discussie over politiek en de kerk.
Na zijn eerste jaar gaat hij niet terug naar kostschool; er is tegenslag op financieel gebied en de familie moet naar Dublin verhuizen. Vanaf dat moment gaat het economisch alleen maar bergafwaarts met de familie.
Op een gegeven moment komt hij op Belvedere College, een andere jezuïetenschool, terecht; er wordt veel gesproken over het geloof en het bestaan van de hel. Stephen vindt dat hij veel heeft gezondigd, sowieso is hij veel bij de hoeren geweest. Door al die verhalen over de hel voelt hij zich verdoemd, biechten op school is er niet bij. Uiteindelijk gaat hij elders te biecht en voelt zich daarna uitermate opgelucht. Een tijd van vroomheid breekt aan en hij wordt als prefect gekozen. Ook op school valt zijn godsdienstijver op en wordt hem gevraagd of hij een roeping heeft en priester wil worden. Als oudste zoon van een Ierse, katholieke familie ligt dat namelijk wel voor de hand. Hij voelt zich vereerd, maar ziet zich niet op de voorgrond treden bij kerkdiensten. Hij wijst het af en voelt zich daarna steeds bevrijder.
We volgen hem in zijn studententijd waarin hij steeds meer de filosofische en literaire kant op gaat, het geloof dooft uit. De twijfel slaat regelmatig toe, want vrij normaal is voor opgroeiende jongeren, maar omdat hij niet de gebaande wegen bewandelt en vooral zijn religieuze moeder het niet met zijn keuzes eens is, zoekt hij bevestiging bij zijn vrienden.
Uiteindelijk hakt hij de knoop door en gaat zijn hart achterna.
Als je de biografie van James Joyce naast de levenswandel van Stephen Dedalus legt, zie je duidelijk de parallellen.
Het boek is geen makkelijke lectuur; het is ruim honderd jaar geleden geschreven en toen was het taalgebruik duidelijk anders dan nu. Maar ook de vele verwijzingen in het boek zorgen voor de nodige vertragingen - als je ze na gaat pluizen. Een keer lezen is eigenlijk niet genoeg om alles mee te krijgen, al is het niet erg om het een en ander te missen, want ook oppervlakkig geeft het een aardig beeld van het stedelijke Ierland aan het begin van de twintigste eeuw. De mooie zinnen, denkbeelden en filosofische beschouwingen geven goed weer waarom James Joyce zo hoog wordt aangeslagen in de geschiedenis van de literatuur.