Lezersrecensie
Paden van enkele vingers breed
De bergen van Ligurië, het noorden van Italië, het achterland van de Bloemenriviera. "Hier in de vallei worden we omringd door de wilde natuur," schrijft Julia Blackburn, "we kunnen uren lopen zonder veel kans om een ander menselijk wezen te zien." Met haar kennis van fauna en flora die de mijne ver te boven gaat, onderneemt de auteur bergtochten over oude paden van enkele vingers breed, deels overwoekerd. Ze bestaan nog in de verbeelding van oude dorpsbewoners, lopen naar vervallen huizen en verlaten gehuchten. Ooit waren deze bouwsels het trotse verblijf van arme boerenfamilies die de helft van hun oogst - de beste helft - moesten afstaan aan hun heer. Ze leefden voornamelijk van kastanjes, die smaakten heel goed bij zevenslapers (een soort muizen). Die mensen zocht de auteur op en graaft diep in hun verleden. Eén thema overheerst alles: de Tweede Wereldoorlog, de strijd van partizanen tegen fascisten. Ze brengt hun getuigenissen in stukjes en brokjes. Zo ontstaan er stipjes van kennis die de lezer een beeld opleveren zoals bij een impressionistisch schilderij, waar afzonderlijke vlekjes het geheel maken. De schrijfster doet het met veel respect en waardigheid en weet als Engelse het vertrouwen van de bevolking - ooit een gesloten groep - te winnen.
Toegevoegd aan mijn lijst "Italië": Literatuur van Italiaanse auteurs of van niet-Italiaanse schrijvers waarin Italië een belangrijke rol speelt.