Lezersrecensie
Uitdaging
De vergelijking wordt waarschijnlijk veel gemaakt - bewust of onbewust - maar dit is geen variant of commentaar op Homo Sapiens van Harari. Het gaat gewoon ergens anders over.
Een zekere overlap is er wel: Waar Harari het vooral heeft over het ontstaan en evolutie van de cultuur van de mens, gaat dit boek over de vele wegen die doorlopen zijn naar het ontstaan van de inrichtingen van samenlevingen op de schaal van wat we nu naties en staten zouden noemen. Al zijn die begrippen volgens de schrijvers niet de juiste en zelfs niet goed definieerbaar; lees daarvoor het boek zelf.
Het aardige van dit boek is dat het zoals het een goed (populair) wetenschappelijke verhandeling betaamt ideeën onderuit haalt waarvan je dacht dat die inmiddels algemeen geaccepteerd en bewezen zijn. Het geeft dus een verrassend inzicht, breekt een vooroordeel door waarvan je niet doorhad dat het er een was. In dit geval: In den beginne organiseerden mensen zich in kleine groepen als jager-verzamelaars waarin iedereen gelijkwaardig was, maar ze gingen zich in de loop van de tijd (orde: 100.00'en jaren) steeds meer permanent vestigen om zich te kunnen wijden aan landbouw en veeteelt, persoonlijk bezit begon steeds belangrijker te worden, er ontwikkelden zich staten met een min of meer centraal gezag (ongelijkheid) en dat noemen we nu beschaving. Dat is dan wel weer een link met Homo Sapiens, want Harari beschrijft dit zijdelings ook nog steeds. En Graeber en Wengrow laten niet na om hem in hun boek daar toch even op te wijzen.
Maar zo is het dus toch niet gegaan. Zoals vaak in een evolutionaire ontwikkeling blijkt die helemaal niet in een rechte lijn te verlopen. De weg naar de huidige inrichting van de misschien wel wereldomvattende maatschappij-inrichting blijkt vele parallelle en heel erg kronkelende paden te bevatten. Die schieten van links naar rechts en heen en weer. Van jager-verzamelaar naar landbouw en weer terug, van gelijkwaardigheid naar hiërarchisch en weer terug en switchend tussen matriarchaat en patriarchaat, en tussen op geweld gebaseerd en vredelievend.
De schrijvers zijn respectievelijk antropoloog en archeoloog. Ze baseren hun verhaal vooral op het archeologisch onderzoek van de laatste decennia. En kijken met een frisse blik. Duidt een fenomeen als Stonehenge bijvoorbeeld op een hiërarchische organisatie van de maatschappij die het heeft gebouwd? Nee, verrassend genoeg waarschijnlijk niet. Iets vergelijkbaars geldt voor de grote, hele oude en van rijke geschenken voorziene graven (bijvoorbeeld grafheuvels) van vele duizenden jaren oud die op verschillende plekken in Europa zijn gevonden. Waren dat graven van koningen en andere heersers? Waarschijnlijk niet.
De schrijvers laten een enorme vracht aan resultaten van archeologisch onderzoek de revue passeren. De nadruk lijkt daarbij iets meer op (Noord- en Zuid-)Amerika te liggen dan op Eurazië. Een fascinerend fenomeen dat ze constateren is schismogenese: aan elkaar grenzende samenlevingen kiezen soms/vaak bewust een inrichting van hun samenleving die tegengesteld is aan die van hun buren. Doen de buren aan landbouw? Wij zien daardoor niet alleen de voordelen, maar ook de nadelen daarvan, dus wij kiezen bewust voor jagen en verzamelen. Is de maatschappij van de buren gebaseerd op hiërarchie en een geweldsmonopolie bij de machthebbers? Dan kiezen wij voor een maatschappij waarin alle beslissingen altijd in onderling overleg genomen worden.
Een ander aspect dat de schrijvers duidelijk maken is dat cultuur niet pas ontstaat met vastlegging van de historie in de vorm van schrift. In de prehistorie was men niet dom, dacht men ook na over vragen als staatsinrichting, waren er wel degelijk filosofen en een complex stelsel van uitgewerkte normen en waarden.
Afijn, te veel om op te noemen en dat is ook een beetje een nadeel van het boek: Er komen zoveel voorbeelden van beschavingen langs, dat je op een gegeven moment door de bomen het bos niet meer ziet. Dat maakt het lezen nogal een uitdaging. Ook hebben de schrijvers iets idealistisch over zich, waarmee het boek een beetje de sfeer ademt van "De meeste mensen deugen" van Rutger Bregman (wat ik overigens een goed boek vond). De schrijvers begonnen met de vraag waar de ongelijkheid in de huidige maatschappij vandaan komt. Waarschijnlijk met de gedachte of daar ook iets aan te doen valt. Hun antwoord is in hun conclusie dan ook een duidelijk "ja": kijk maar naar het verleden waar je vele voorbeelden vindt van (betere?) alternatieven.
Vier sterren, bijna vijf.