Lezersrecensie
Psycholgie in kinderboeken Winnie-de-Poeh
Poeh en de psychologen is de vertaling van John Tyerman Williams’ Pooh and the psychologist.
Aan de hand van 7 praktijkgevallen, “dossiers”, probeert de schrijver aan te tonen dat Winnie-de-Poeh zijn vrienden Janneman Robinson, Knorretje, Teigetje, Konijn, Kanga en Roe, Uli en Ieoor psychologisch begeleidt. Dit doet hij door episodes te analyseren uit de bekende boeken van A.A. Milne.
Het is grappig te lezen hoe psychologische theorieën en concepten terug te vinden zijn in zo’n populair kinderverhaal. Volgens de schrijver gebruikt Poeh voor de begeleiding van zijn vrienden diverse psychologische theorieën en concepten zoals behavioristische, cognitieve, analytische, humanistische, sociale, psycholinguïstische en ontwikkelingspsychologie. Maar hoe kan dat dan? De cognitieve psychologie bijvoorbeeld ontwikkelde vanaf de jaren ’50, terwijl Milnes boeken gepubliceerd werden in 1924 en 1928. Dat Supertherapeut Poeh hierin zijn tijd ver vooruit was, blijkt uit zijn ontvankelijkheid voor allerlei theorieën en zijn flexibiliteit deze toe te passen.
De schrijver beschrijft met veel details gebeurtenissen van Poeh en analyseert deze dan nauwkeurig. Soms leidt dit tot herhalingen die het geheel niet ten goede komen. Desondanks is het een interessante kijk op de interacties en het gedrag van Poeh en zijn vrienden.