Lezersrecensie
Wittlin, meester van het weergaloze portret
Topory-Czernialica (Oostenrijk-Hongarije, zomer 1914). In Wenen tekent de oude keizer Frans Jozef de oorlogsverklaring tegen Servië. In Topory-Czernialica (1), een stille uithoek van de monarchie, waar de zomeravonden naar munt ruiken, woont de Hoetsoelse spoorwegarbeider Piotr. Een man met een dikke huid en een gevoelig hart. Zijn bewondering voor de keizer in Wenen is enorm. Een pet met keizerlijk monogram doet hem stralen van trots. Rust overheerst het Hoetsoelse platteland tot de Russen dichterbij komen, het leger het spoor overneemt en er voor Piotr een ander leven begint…
Reeds in de proloog laat Jozef Wittlin voelen wat voor bijzonder schrijver hij is. De scene waarin de oude Frans Jozef temidden van zijn paladijnen de oorlogsverklaring tekent, is gelijk treffend en toch slechts een voorsmaakje van wat volgt. Als het verhaal echt start en Piotr op de voorgrond treedt, gaat de auteur voluit door op deze weg. Met milde ironie beschrijft hij het leven in de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie aan het begin van de Eerste Wereldoorlog. Hij bedient zich van mooie zinnen, gebruikt sterke metaforen en beschikt over een scherp waarnemingsvermogen. Een attribuut, symbool, gedraging, gelaatsuitdrukking of emotie kan hij als geen ander aanwenden om kleur te geven aan zijn betoog. De portretten van markante hoofd- en bijfiguren - vaak pagina’s lang - zijn weergaloos: de joodse arts Jellinek, die zijn joods-zijn verborgen houdt, de Grieks-katholieke priester Makarucha, die meer geeft om zijn bijen dan om zijn parochianen, en de stabsfeldwebel Bachmatiuk, die het dienstreglement van het leger beschouwt als heilige boeken en ze implementeert als een rigide religieuze leer, zijn fenomenaal in beeld gebracht.
Het is niet slechts de eerste maand in de Eerste Wereldoorlog ergens in de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie die Wittlin beschrijft. Evenals Piotr – hoe uniek hij ook wordt geschetst door de meester-schrijver – waren er vele kleine mannen die zich groots konden voelen. Net als de Hoetsoelse gemeenschap van plattelandsbewoners met eigen kenmerken en gewoonten, waartoe Piotr behoort, waren er vele andere minderheden in het gigantische rijk. Divers, maar verenigd in hun trouw aan de keizer. Het “zout” uit de titel heeft een veel diepere betekenis dan je op het eerste zicht zou vermoeden. Maar bovenal is zout iets dat smaak en pit geeft aan onze gerechten. En ja, Wittlin heeft een heerlijk maal klaargemaakt dat beslist zijn plaats verdient op het literaire menu. Klaar om te proeven!?
(1)Topory-Czernialice is een fictieve plaats in het district Sniatyn, aan de Proet, een 30-tal km ten noordwesten van Tsjernivtsi (eerder bekend als Czernowitz, in het westen van het huidige Oekraïne, nabij de Roemeense grens).