Lezersrecensie
The Táin
Leesjaar 13 augustus 2021
The Táin
Vertaling Thomas Kinsella
Oxford University Press (Oxford) 2002
Voor een goed verhaal, al dan niet in de vorm van een lied, kun je prima bij de Ieren aankloppen. Van kabouters, banshees en druïden, via helden en draken naar koningen en koninginnen en gestolen vee. The Pogues brachten me aan het ziekbed van Cúchulainn. Het spoor van deze figuur leidde naar Táin Bó Cuailnge, vaak afgekort tot The Táin of vertaald als The Cattle Raid of Cooley. Van dit achtste-eeuwse epos schafte ik de vertaling van Thomas Kinsella uit 1969 aan, het hapte tot nu toe stof.
Kinsella heeft zijn vertaling gebaseerd op gehavende versies van het verhaal uit het twaalfde-eeuwse Book of the Dun Cow en het veertiende-eeuwse Yellow book of Lecan. Hij heeft niet gestreefd naar een wetenschappelijke vertaling, maar naar een leesbare en levende versie van het eeuwenoude verhaal. Hij start niet aan het begin van de Táin, maar neemt eerst een aantal voorafgaande verhalen op. Ze bevatten informatie die in het verhaal bekend wordt veronderstelt en is dus van belang voor het goed kunnen volgen van de gebeurtenissen. Er zijn ook diverse kaarten opgenomen van Connacht en Ulster en andere plaatsen waar het verhaal zich afspeelt. Het lijstje met uitspraakregels voor de Ierse persoons- en plaatsnamen komt vooral van pas als je de Táin wilt voorlezen, ergens in gesprek raakt over Ierse mythen en sagen, je kennis wilt etaleren bij een borrel in een Ierse pub of de wijsneus wilt uithangen tijdens een georganiseerde reis naar the Emerald Isle.
Medb en Ailill, koningin en koning van Connacht, maken in bed ruzie over wie het meeste bezit heeft. Als blijkt dat ze allebei evenveel bezitten, wordt er geteld hoeveel vee ze hebben. Het verschil wordt gemaakt door de witte stier Finnbennach, die niet onder een vrouw wilde grazen en van de kudde van Medb was overgelopen naar de kudde van Ailill. Medb gaat dus op zoek naar een net zo robuust exemplaar om de balans te herstellen. In Ulster loopt zo’n stier rond, Donn Cuailnge, de bruine stier van Cualinge. Nadat de onderhandelingen met de eigenaar op niets uitlopen, moet de stier maar gestolen worden. Het zal een klein kunstje zijn, want alle verdedigers van Ulster zijn tijdelijk uitgeschakeld door een vloek. Medb en Ailill rekenen buiten de zeventienjarige Cúchulainn, ook wel bekend als de hond van Ulster. Hij weet in zijn eentje een flink aantal krijgers te doden, voordat wordt besloten over te gaan op tweegevechten. Elke dag neemt een nieuwe strijder het op tegen de onbebaarde vechtjas. Het geeft Cúchulainn de mogelijkheid wat tijd te rekken totdat de vloek voorbij is en hij steun uit Ulster krijgt. Het tweegevecht met zijn pleegbroer Ferdia gaat dagenlang door. Ze doen niet onder voor elkaar. Uit respect helpen ze elkaar weer op te lappen en met de benodigde voeding om aan te sterken voor het volgende gevecht. Cúchulainn weet uiteindelijk pas te winnen door het gebruik van zijn geheime wapen, de speer Gáe Bolga. Hij is door zijn verwondingen niet meer in staat verder te vechten, maar de mannen van Ulster komen bij. Ze verzamelen op het strijdtoneel, waarna de strijd losbarst. Aan het einde bemoeit Cúchulainn zich er ook weer mee. Hij zorgt ervoor dat de alliantie van Medb zich terugtrekt en spaart de urinerende koningin. Er is nog een laatste slag te leveren, de naar Connacht meegevoerde bruine stier van Cuailnge neemt het op tegen Finnbennach. De witte stier delft het onderspit, waarna de ernstig gewonde bruine stier huiswaarts keert en op verschillende plaatsen stukken van Finnbennach achterlaat. Het verklaart de namen van die plaatsen.
Terecht of onterecht ongelezen?
Deze vertaling van Thomas Kinsella is een goede ingang in de rijke wereld van de Ierse mythen en sagen, want er is nog veel meer. Zo is deze veediefstal maar een onderdeel van de zogenaamde Ulster Cycle. Daarnaast zijn er nog de Fenian Cycle, Historical Cycle en Mythological Cycle en talloze andere mythologische teksten. Kinsella heeft gekozen voor een leesbare tekst. De inleidende teksten zijn daarbij van toegevoegde waarde, want ze bieden de nodige context om de Táin te begrijpen. Het doel was geen wetenschappelijke vertaling, toch voegt hij voldoende verhelderende noten toe. Ook de kaarten van het gebied waar het verhaal zich afspeelt is van toegevoegde waarde. Het is soms lastig de draad niet kwijt te raken met alle in de tekst genoemde plaatsen en personen, dan helpt een kaartje de weg weer terug te vinden.
Dit verhaal werd, zoals gebruikelijk voor uit de oudheid en middeleeuwen overgeleverde verhalen, mondeling overgedragen. De verklaring van de namen voor plaatsen, rotsformaties, rivieren en dergelijke, die veelvuldig in de tekst voorkomen, zijn daar mooie voorbeelden van. Deze plaatsen waren lang geleden ijkpunten voor de bevolking. Hun collectieve geheugen lag er opgeslagen. Dit geheugen is helaas grotendeels verloren geraakt, waardoor wij als hedendaagse lezers, al helemaal als lezers die niet dagelijks door de groene velden van Ierland struinen, de plaatsen niet meer aan de tekst kunnen koppelen. Kinsella blaast er echter voldoende leven in om de tekst leesbaar te houden. Soms moet je door een reeks koningen heen, die met naam en toenaam, uiterlijk, kleding en wapenuitrusting worden beschreven. We zouden dat tegenwoordig in een zinnetje samenvatten als veel koningen in vol ornaat trokken ten strijde. Daarom is het leuk om deze teksten te blijven lezen, het toont hoe de structuur en omgang met verhalen in de loop der tijd veranderd is.
Mooiste zin
His spirit was strong in him; he felt fit for a festival, or for marching or mating, or for an ale-house or the mightiest assembly in Ireland.