Lezersrecensie

Pareltje uit de grillige zee


Yvette Stevens Yvette Stevens
1 mrt 2019

Als de buitenkant je nog niet betoverd heeft, dan doet de binnenkant dat wel. De prachtige zilveren weelderige print op de stoffen hardcover nemen je meteen mee naar de boeken en stijl van Jules Verne. Zodra je de cover openslaat, wordt je nog meer getrakteerd op de prachtige tekeningen van Bonnie Helen Hawkins.

Joanne M. Harris is bekend van haar werken als Chocolat en de Lessen van Loki waarin ze altijd iets van mysterie of mythologie verwerkt in haar verhalen. Haar stijl schrijven is intrigerend: een natuurlijke observering gemengd met wat geromantiseerde interpreteringen en een vleugje magisch realisme. Sprookjes en sagen zijn hier de beste voorbeelden van en ook dit verhaal valt onder deze categorie.

An eartly nourris sits and sing,
And aye she sings, Ba, lily wean!
Little ken I my bairnis father,
Far less the land that he staps in.
Then ane arose at her bed-fit,
An a grumly guest I'm sure was he:
'Here am I, thy bairnis father,
Although that I be not comelie.
'I am a man, upo the lan,
An I am a silkie in the sea;
And when I'm far and far frae lan,
My dwelling is in Sule Skerrie.'
'It was na weel,' quo the maiden fair,
'It was na weel, indeed,' quo she,
'That the Great Silkie of Sule Skerrie
Suld hae come and aught a bairn to me.'
Now he has taen a purse of goud,
And he has pat it upo her knee,
Sayin, Gie to me my little young son,
An tak thee up thy nourris-fee.
An it sall come to pass on a simmer's day,
When the sin shines het on evera stane,
That I will tak my little young son,
An teach him for to swim the faem.
An thu sall marry a proud gunner,
An a proud gunner I'm sure he'll be,
An the very first schot that ere he schoots,
He'll schoot baith my young son and me.

The Blue Salt Road opent met een stukje uit Child Ballad no 113 : The Grey Selkie of Sule Skerry”, een bekend kinderliedje afkomstig uit de Orkney’s en de Shetlandeilanden. Een woeste streek vol folklore, mythe en de rijke Keltische geschiedenis. De mensen zijn altijd vervlochten geweest met de zee, haar bewoners en de ruige omstandigheden. Legendes ontstaan en verhalen worden verteld om de bittere koude avonden door te komen
Skerries zoals de titel van de ballade aangeeft zijn verlaten rotsachtige eilandjes die in Nederland scheren of klippen heten. Het zijn ook de leefomgevingen van de zeehonden en de legende van de selkies(silkies): zeehonden die ’s nachts hun huid kunnen afwerpen en tot mens kunnen transformeren. Childballad no 13 vertelt het verhaal van een selkie en op dit verhaal heeft Joanne Harris verder geborduurd. The blue salt road is de naam van de weg die schepen opgaan.

Flora is de dochter van een gunner (een harpoenjager) in vervlogen tijden en woont op de afgelegen skerries. De mannen op het eiland kunnen haar niet bekoren en als ze van haar oma te horen krijgt dat er ook selkies zijn die je tot man kan nemen, zet ze alles in om haar zin te krijgen. De naamloze selkie van de Grey Seal clan is een onstuimige jonge zeehond die ook na herhaaldelijke waarschuwingen van zijn familieleden toch elke nacht het strand op gaat om als man te kunnen lopen. Wat volgt is een grimmig verhaal, net zo ruig als de kliffen, net zo donker en wispelturig als de zee, net zo bitterhard als het vissersleven. Leg je neer bij je lot of vecht je eruit.

Je voelt de kou, deint mee op de golvende zee, proeft de “salt spray” en leeft innig mee in het verdriet. Laat je meevoeren in de verhalen zoals Moby Dick of de keltische verhalen van Juliet Marillier en kom terug met een diep respect voor de zee, de eilanders en hun verhalen.

Reacties

Meer recensies van Yvette Stevens

Boeken van dezelfde auteur