Lezersrecensie
Schilderen en spreken onder spanning
De Kolonie speelt zich af op een bijna verlaten Iers eiland waar twee buitenstaander, een Engelse schilder en een Franse taalkundige, elk met hun eigen doel naar het eiland komen: de één wil de schoonheid van het eiland vangen in een schilderij - en daarmee zijn vrouw én status terugwinnen - de ander wil voorkomen dat de Ierse taal uitsterft op het eiland. De heren zijn duidelijk niet blij met elkaar: de Engelsman kan zich niet op zijn werk concentreren door alle drukte die de Fransman veroorzaakt, terwijl hij zich op zijn beurt zich ergert aan het feit dat de kunstenaar Engels spreekt, in plaats van het door hem onderzochte Iers. Hun houding en ideeën over de eilandbewoners veroorzaken spanningen bovenop de toch al toenemende onrust op het eiland.
Het boek is geschreven vanuit de perspectieven van de mannen en wisselt dit af met fragmenten uit Ierland waar gewelddadige aanslagen van de IRA plaatsvinden. Een deel van de tekst is opgemaakt in poëtische sprongen. Hoewel ik in de eerste vijftig pagina’s nog wat zoekende was, vooral door de IRA-fragmenten en de verspringingen in de tekst, werd ik toch vrij vlot meesleept door het verhaal. Dat komt vooral door de schrijfstijl: die is helder, licht en verrassend grappig. Vooral de dialogen zijn vlot en zorgen voor lucht in een verhaal dat verder vol zit met strijd en onderhuidse spanning.
Er is veel ruimte voor gesprekken over kunst en mooie dialogen, maar ondanks dat sommige zinnen wel drie pagina’s beslaan, heb ik het geen moment als langdradig of pretentieus ervaren. Dankzij Magees prachtig beeldende taalgebruik waan je je op het eiland tussen de rotsen, terwijl je naar het klotsende water luistert en wacht tot de vissers terugkomen van het water en de konijnen uit hun hol komen kruipen.
Het verhaal zit vol historische context. Zowel het koloniale verleden van de beide heren, als de geschiedenis van Ierland speelt een grote rol en geeft extra diepgang aan het verhaal. Al voelt die opsomming van feiten soms wat overweldigend. Ook de IRA-fragmenten zijn niet altijd even samenhangend en halen de vaart uit het verhaal, evenals de vele namen van schilderijen tussendoor. Dat is wat mij betreft dan ook meteen het enige minpunt.
De Kolonie is een beeldende roman over taal, cultuur en identiteit, verteld in duidelijke taal. De thema’s en personages worden knap uitgewerkt: van het effect van politieke spanningen op een kleine gemeenschap die worstelt met rouw, armoede en verlies aan perspectief, tot de niet te missen ironie in het gedrag van de beide heren bezoekers en de metaforische keuzes die zij maken die precies de vinger op de zere plek van het grotere thema leggen.
Met heel veel plezier gelezen.
Het boek is geschreven vanuit de perspectieven van de mannen en wisselt dit af met fragmenten uit Ierland waar gewelddadige aanslagen van de IRA plaatsvinden. Een deel van de tekst is opgemaakt in poëtische sprongen. Hoewel ik in de eerste vijftig pagina’s nog wat zoekende was, vooral door de IRA-fragmenten en de verspringingen in de tekst, werd ik toch vrij vlot meesleept door het verhaal. Dat komt vooral door de schrijfstijl: die is helder, licht en verrassend grappig. Vooral de dialogen zijn vlot en zorgen voor lucht in een verhaal dat verder vol zit met strijd en onderhuidse spanning.
Er is veel ruimte voor gesprekken over kunst en mooie dialogen, maar ondanks dat sommige zinnen wel drie pagina’s beslaan, heb ik het geen moment als langdradig of pretentieus ervaren. Dankzij Magees prachtig beeldende taalgebruik waan je je op het eiland tussen de rotsen, terwijl je naar het klotsende water luistert en wacht tot de vissers terugkomen van het water en de konijnen uit hun hol komen kruipen.
Het verhaal zit vol historische context. Zowel het koloniale verleden van de beide heren, als de geschiedenis van Ierland speelt een grote rol en geeft extra diepgang aan het verhaal. Al voelt die opsomming van feiten soms wat overweldigend. Ook de IRA-fragmenten zijn niet altijd even samenhangend en halen de vaart uit het verhaal, evenals de vele namen van schilderijen tussendoor. Dat is wat mij betreft dan ook meteen het enige minpunt.
De Kolonie is een beeldende roman over taal, cultuur en identiteit, verteld in duidelijke taal. De thema’s en personages worden knap uitgewerkt: van het effect van politieke spanningen op een kleine gemeenschap die worstelt met rouw, armoede en verlies aan perspectief, tot de niet te missen ironie in het gedrag van de beide heren bezoekers en de metaforische keuzes die zij maken die precies de vinger op de zere plek van het grotere thema leggen.
Met heel veel plezier gelezen.
1
Reageer op deze recensie
