Lezersrecensie
Soldaten zijn ook maar mensen
Ik weet niet meer hoe ik dit boek op het spoor kwam maar ik was meteen nieuwsgierig. Tweedehands gekocht want niet meer in de handel en ook niet in mijn biblioteek.
De New York Times noemt het Book of the Century. Nu is NYT niet de eerste de beste maar dit leek me toch nogal overdreven, zelfs al geef ik het de volle vijf sterren. Ik wil je uitleggen waarom vijf.
Wat ze droegen. The things they carried. Kijk dat is meteen al een stuk duidelijker. Het gaat niet over kleding maar over de vele kilo's die soldaten moeten meezeulen en, niet te vergeten, al hun psychische ballast.
Tim O'Brien is Vietnamveteraan en schrijft dus vanuit eigen ervaring. Feit en fictie door elkaar. Tim doet daar niet moeilijk over en beschouwt het als de vrijheid van de schrijver. En terecht!
O'Brien schreef dit boek in 1990 en het kwam in Nederland op de markt in 2012. De uitstekende vertaling is van Mechteld Jansen.
Nee, het boek gaat niet over politiek, geschiedenis, krijgskunde en dergelijke. Het gaat over de mannen. Hoe ze met elkaar omgaan en hoe ze de gebeurtenissen, de situaties ervaren.
Van de tv-serie Kamp van Koningsbrugge heb ik geleerd dat het vormen van een hechte groep essentieel is. De beide instructeurs van het programma, zelf leden van de Special Forces, hameren daar voortdurend op.
Wat ze droegen, een vrij hopeloze titel naar mijn mening, gaat vooral over de sfeer in de groep, de onderlinge verhoudingen, het vertrouwen, hun persoonlijke eigenaardigheden, de loyaliteit en hoe ze met de dood omgaan. Er sneuvelen natuurlijk nogal wat mannen en dat doet veel met hen, knullig uitgedrukt.
Tim O'Brien komt keer op keer terug op de dood van zijn maten. Het boek is ook een niet sentimenteel eerbetoon aan de overledenen. Voor gewone burgers zoals ik is het moeilijk voorstelbaar dat de verhalen en herinneringen doorspekt zijn met humor, galgenhumor natuurlijk maar toch. Er worden voortdurend geintjes gemaakt, er wordt steeds gerelativeerd en gedold. Ze moeten het wel verdraagbaar maken en houden natuurlijk.
De sterkste hoofdstukken vond ik die over de oproep die O'Brien kreeg. De oproep om naar Vietnam te gaan. Tim belandt in een schier onoplosbaar dilemma. Moet hij gaan of naar Canada vluchten? Het is een hoofdstuk vol zelfreflectie geworden. Ontroerend en intens.
Het ander sterke hoofdstuk gaat over de herinnering van de schrijver aan zichzelf als de 9-jarige Timmy die voor het eerst verliefd is op een meisje. Echt heel erg verliefd. Maar ze heeft een hersentumor en ze gaat dood. Timmy wil haar opgebaarde lichaam zien en hij gaat er met zijn pappa naar toe. Hij zal Linda nooit vergeten net zomin als hij zijn maten vergeet. Dit boek is een ode aan hen.
In zekere zin is het boek ook een ode aan Vietnam, aan de overweldigende natuur, aan de zachtaardige mensen en aan de magie van het exotische land die vat krijgt op iedereen of ze het nu willen of niet.
De schrijver vertelt over de komst van het vriendinnetje van één van zijn maten en hoe zij wordt betoverd door het land. Betoverd en opgeslokt. Je weet niet wat je leest en je weet evenmin hoe groot of klein het waarheidsgehalte van dit verhaal is. Tim sleept je gewoon mee het verhaal in en je gelooft hem op zijn woord.
Book of the Century? Prijzen won het boek maar er zijn natuurlijk veel indrukwekkende boeken geschreven in de 20ste eeuw. Voor mij staat vast dat Tim O'Brien een meesterlijk verteller is en met dit boek de oorlog terugbrengt tot microniveau: mensen die bang zijn, gewond, bijna of helemaal dood,moedig, moe, ziek, uitgeput, vol verlangen, vol liefde.