Lezersrecensie
De vloed voorbij
Recensie van:
De vloed voorbij
Verdrinken was nooit een optie
Auteur :
Femke Meijboom
Femke Meijboom (1997, Zuid-Holland) debuteerde in 2020 met de prijswinnende biografie ‘Jo’. Van jongs af aan schreef ze in het fantasy-genre, bracht toen twee non-fictie boeken uit in eigen beheer, en slaat nu haar slag in avontuurlijke boeken. Op 1 november verscheen haar historische novelle ‘De Vloed Voorbij’. Momenteel werkt ze aan haar vierdelige avontuurlijke YA-debuut.
Als spreker inspireert Femke jong publiek door het hele land om je eigen dromen te volgen, je creativiteit te ontwikkelen en activeert ze jong publiek om weer een boek op te pakken.
Wijze van lezen:
Recensie-exemplaar E-book ontvangen van de auteur zelf in ruil voor mijn recensie en deelname aan de blogtour die plaatsvindt op de data dat in 1953 (31 januari op 1 februari ’s nachts) de stormvloed in Zuid-Nederland vele levens nam. Zodat dit verhaal altijd de aandacht krijgt die deze verdient en nooit vergeten wordt.
Uitgeverij:
In eigen beheer uitgegeven.
Genre:
Young Adult
Historische novelle
Cover en flaptekst:
Ik zie een kerk die aan het water grenst. Het water dat een intense kleur blauw heeft. Water dat leven geeft maar ook neemt. Water dat rustig kabbelend kan zijn maar ook meedogenloos kolkend en opzwepend kan zijn. De cover vind ik prachtig omdat je elke keer als je ernaar kijkt weer wat nieuws ziet.
Quote:
Dan begint het langzame geschuifel over de dijk. Langs de huizen die nog staan. Langs de huizen die zijn weggevaagd. Langs de dijk waar ik gered werd. Naar de Kaai, waar de grootste redding ons opwacht.
We stoppen niet bij de lijkentent. Het mag niet van ome Frans. Hij omhelst vader, dan Pieter, dan Janneke, dan mij en dan tilt hij zelfs Lientje van de grond om haar de grootste knuffel te geven. Daarna begeleidt hij ons naar de boten.
Er zijn diverse rijen. Grote, lange rijen, met grote gezinnen, kleine gezinnen, verscheurde incomplete gezinnen… wij zijn ook niet compleet, maar wanneer het aan ons gevraagd wordt, antwoord Pieter voordat vader dat kan doen.
‘Zijn jullie er allemaal?’ vraagt een militair. Hij vist een paar reddingsvesten van de grond en duwt die één voor één over ons hoofd. ‘Dan mogen jullie aan boord. Deze boot gaat naar Dinteloord, waar jullie onderdak krijgen. Stap maar aan boord, maar til die kleine dame even op.’
Ik gniffel en kijk hoe Pieter Lientje bij haar oksels optilt. Haar kleine voetjes bungelen boven de grond.
Op de boot stinkt het naar rottende groente. Hier en daar ligt zelfs nog een aardappel, aangevreten door ratten. Maar hier zitten we dan. Op naar een nieuw leven.
Zouden we hier ooit nog terugkomen? Of was het een leugentje om bestwil om vader zo ver te krijgen?
Ik weet het niet. Ik kan het me niet voorstellen. Ik weet niet eens of ik het wel wil.
Dan worden de touwen losgeknoopt en aan boord gegooid. Het bootje deint in het water als een man met zijn voet de boot van wal trapt. De motor komt sputterend in beweging.
Ik word er misselijk van.
Dus grijp ik Pieters hand, die naast me zit en adem ik diep in.
Ik staar net zo lang naar de Kaai totdat de lijkentent verdwijnt achter de rijen met mensen die wachten tot andere boten zijn aangemeerd om hen in veiligheid te brengen.
Er zijn veel gezinnen, veel vrouwen met kinderen, maar vooraan staat een meisje. Moederziel alleen. Haar blonde haren wapperen in de februariwind.
Ze glimlacht. Ze zwaait ons uit. Maar dan daalt haar hand en bungelt het verdwaald langs haar lichaam.
Dan zakt mijn mond open. Mijn adem stokt in mijn keel.
‘Is dat Margriet?’
Pieter zucht. ‘Ze moet verdronken zijn, het kan haast niet anders. Ik denk dat je spoken ziet, Frida.’
Maar ik weet het bijna zeker. Het is Margriet. In levenden lijve… maar het kan niet. Pieter heeft gelijk. Dus leg ik mijn hoofd op zijn schouder en staar ik naar het blonde meisje, totdat ze niets minder is dan een schim aan wal en slechts een herinnering aan mijn zus.
Mooie emotionerende tekst:
Wind. Water. Storm.
Noordzee. Hoog water.
Zand. Dijken. Breken.
‘Je krijgt me niet te pakken! Je krijgt me toch niet!’
De zestienjarige Frida Jongejan speelde geen spelletje die vroege morgen op 1 februari 1953. Nee, ze vocht tegen het eind van de wereld zoals zij die kende en weigerde het te laten winnen.
Het verhaal:
Als de familie Jongejan 's nachts wordt opgeschrikt door water dat door de brievenbus gutst, begint hun strijd tegen het tij. Frida en haar broer en zussen moeten zien te overleven op het dak van hun huis, wachtend op hulp, maar wanneer dageraad eindelijk aanbreekt, gebeurt het ondenkbare. Kan Frida de Watersnoodramp overleven?
In de nacht van 1 februari 1953 werd Nederland geteisterd door hoog water en een noordelijke storm. Die nacht breken op meerdere plekken in het zuiden van Nederland de dijken door. Meer dan 1800 mensen verliezen hun strijd tegen het water. Elk jaar wordt de ramp in de getroffen dorpen herdacht. De ramp wordt niet vergeten, niet als we erover blijven praten. Een novelle over familie, wilskracht en overleven in ieder opzicht. Geïnspireerd door het verhaal van Jo Sala-Pollemans, wiens biografie te lezen is in Jo: Hier heb je ’n schrepel en daar kan je beginnen.
Mijn leesbeleving:
73 jaar geleden vond in de nacht van 31 januari op 1 februari 1953 de Watersnoodramp plaats. Meer dan 1800 mensen verloren hun leven.
Dit verhaal wordt in de ik vorm verteld door Frida, een van de vijf kinderen van de familie Jongejan die getroffen worden door de Watersnoodramp. Ik kon me gelijk volledig inleven in het verhaal. Ik zag, voelde, proefde en hoorde alles hoe Frida dat ook ervoer. Ook de ramp verteld vanuit de ogen van het echtpaar die met een koe op zolder zich in veiligheid probeert te houden voor het alles verzwelgende water is indrukwekkend. Vervolgens wordt het verhaal gecomplementeerd doordat reddingswerkers vertellen over hun ervaringen.
Het verhaal is continu hartverscheurend, aangrijpend, indrukwekkend, adembenemend maar geeft ook een onuitwisbare indruk van een ramp die alles verwoestend en meedogenloos was. Families die vanuit het niets in de rouw gestort werden omdat geliefde dierbaren door de stormvloed meegenomen werden en naar gene zijde gingen.
Tijd om terug plekke te rouwen was er niet omdat het niet veilig was in het rampgebied. Overlevenden werden geëvacueerd naar veiliger gebieden. Pas veel later keerden zij terug om hun huizen opnieuw op te bouwen.
Het nawoord van het boek van de auteur zelf is net zo indrukwekkend als get verhaal dat zij over de ramp schreef. Tijdens het lezen probeerde ik telkens een voorstelling te maken van hoe deze ramp zich voltrok. Een melancholisch en beklemmend gevoel overheerste.
Het alles verwoestende water dat geen pauze nam en die mensen geen tijd gaf om te anticiperen en te vluchten. Het woord samenwerken werd opnieuw uitgevonden en bleek een sterke respons op de ramp. Kun je stellen dat de dapperen, de slimmeriken en de sterksten overleefden? Nee er werdgeen onderscheid gemaakt in leeftijd, levensstandaard, overtuiging, karakter en gedrag.
Dit verhaal raakte mij diep en deze leeservaring neem ik de rest van mijn leven mee. De beeldende en filmische schrijfstijl benam me vaak de adem omdat het zo’n impact had.
In de toekomst lees en recenseer ik graag meer van Femke Meijburg.
Mijn mening:
Ik geef 5 sterren.
Een indringend, beeldend, filmisch en hartverscheurend verslag vertelt vanuit diverse perspectieven. Een ramp die allesverslindend en meedogenloos was. En relatief kort na De Tweede Wereldoorlog plaats vond. Die wederopbouw was al loodzwaar en bij de Watersnoodramp verloren deze mensen opnieuw alles: hun veilige huis en have en hun geliefden. In een inktzwarte, ijskoude winternacht. Toen het ochtendlicht verscheen bracht dit geen hoop en troost maar drong het nog meer door hoe allesomvattend rampzalig alles eruitzag. De zee had getriomfeerd. Hopelijk gebeurd een ramp van deze omvang nooit meer door de later voltooide Deltawerken. Maar ik houdt mijn hart vast voor de steeds verder denderende klimaatveranderingen.
De vloed voorbij
Verdrinken was nooit een optie
Auteur :
Femke Meijboom
Femke Meijboom (1997, Zuid-Holland) debuteerde in 2020 met de prijswinnende biografie ‘Jo’. Van jongs af aan schreef ze in het fantasy-genre, bracht toen twee non-fictie boeken uit in eigen beheer, en slaat nu haar slag in avontuurlijke boeken. Op 1 november verscheen haar historische novelle ‘De Vloed Voorbij’. Momenteel werkt ze aan haar vierdelige avontuurlijke YA-debuut.
Als spreker inspireert Femke jong publiek door het hele land om je eigen dromen te volgen, je creativiteit te ontwikkelen en activeert ze jong publiek om weer een boek op te pakken.
Wijze van lezen:
Recensie-exemplaar E-book ontvangen van de auteur zelf in ruil voor mijn recensie en deelname aan de blogtour die plaatsvindt op de data dat in 1953 (31 januari op 1 februari ’s nachts) de stormvloed in Zuid-Nederland vele levens nam. Zodat dit verhaal altijd de aandacht krijgt die deze verdient en nooit vergeten wordt.
Uitgeverij:
In eigen beheer uitgegeven.
Genre:
Young Adult
Historische novelle
Cover en flaptekst:
Ik zie een kerk die aan het water grenst. Het water dat een intense kleur blauw heeft. Water dat leven geeft maar ook neemt. Water dat rustig kabbelend kan zijn maar ook meedogenloos kolkend en opzwepend kan zijn. De cover vind ik prachtig omdat je elke keer als je ernaar kijkt weer wat nieuws ziet.
Quote:
Dan begint het langzame geschuifel over de dijk. Langs de huizen die nog staan. Langs de huizen die zijn weggevaagd. Langs de dijk waar ik gered werd. Naar de Kaai, waar de grootste redding ons opwacht.
We stoppen niet bij de lijkentent. Het mag niet van ome Frans. Hij omhelst vader, dan Pieter, dan Janneke, dan mij en dan tilt hij zelfs Lientje van de grond om haar de grootste knuffel te geven. Daarna begeleidt hij ons naar de boten.
Er zijn diverse rijen. Grote, lange rijen, met grote gezinnen, kleine gezinnen, verscheurde incomplete gezinnen… wij zijn ook niet compleet, maar wanneer het aan ons gevraagd wordt, antwoord Pieter voordat vader dat kan doen.
‘Zijn jullie er allemaal?’ vraagt een militair. Hij vist een paar reddingsvesten van de grond en duwt die één voor één over ons hoofd. ‘Dan mogen jullie aan boord. Deze boot gaat naar Dinteloord, waar jullie onderdak krijgen. Stap maar aan boord, maar til die kleine dame even op.’
Ik gniffel en kijk hoe Pieter Lientje bij haar oksels optilt. Haar kleine voetjes bungelen boven de grond.
Op de boot stinkt het naar rottende groente. Hier en daar ligt zelfs nog een aardappel, aangevreten door ratten. Maar hier zitten we dan. Op naar een nieuw leven.
Zouden we hier ooit nog terugkomen? Of was het een leugentje om bestwil om vader zo ver te krijgen?
Ik weet het niet. Ik kan het me niet voorstellen. Ik weet niet eens of ik het wel wil.
Dan worden de touwen losgeknoopt en aan boord gegooid. Het bootje deint in het water als een man met zijn voet de boot van wal trapt. De motor komt sputterend in beweging.
Ik word er misselijk van.
Dus grijp ik Pieters hand, die naast me zit en adem ik diep in.
Ik staar net zo lang naar de Kaai totdat de lijkentent verdwijnt achter de rijen met mensen die wachten tot andere boten zijn aangemeerd om hen in veiligheid te brengen.
Er zijn veel gezinnen, veel vrouwen met kinderen, maar vooraan staat een meisje. Moederziel alleen. Haar blonde haren wapperen in de februariwind.
Ze glimlacht. Ze zwaait ons uit. Maar dan daalt haar hand en bungelt het verdwaald langs haar lichaam.
Dan zakt mijn mond open. Mijn adem stokt in mijn keel.
‘Is dat Margriet?’
Pieter zucht. ‘Ze moet verdronken zijn, het kan haast niet anders. Ik denk dat je spoken ziet, Frida.’
Maar ik weet het bijna zeker. Het is Margriet. In levenden lijve… maar het kan niet. Pieter heeft gelijk. Dus leg ik mijn hoofd op zijn schouder en staar ik naar het blonde meisje, totdat ze niets minder is dan een schim aan wal en slechts een herinnering aan mijn zus.
Mooie emotionerende tekst:
Wind. Water. Storm.
Noordzee. Hoog water.
Zand. Dijken. Breken.
‘Je krijgt me niet te pakken! Je krijgt me toch niet!’
De zestienjarige Frida Jongejan speelde geen spelletje die vroege morgen op 1 februari 1953. Nee, ze vocht tegen het eind van de wereld zoals zij die kende en weigerde het te laten winnen.
Het verhaal:
Als de familie Jongejan 's nachts wordt opgeschrikt door water dat door de brievenbus gutst, begint hun strijd tegen het tij. Frida en haar broer en zussen moeten zien te overleven op het dak van hun huis, wachtend op hulp, maar wanneer dageraad eindelijk aanbreekt, gebeurt het ondenkbare. Kan Frida de Watersnoodramp overleven?
In de nacht van 1 februari 1953 werd Nederland geteisterd door hoog water en een noordelijke storm. Die nacht breken op meerdere plekken in het zuiden van Nederland de dijken door. Meer dan 1800 mensen verliezen hun strijd tegen het water. Elk jaar wordt de ramp in de getroffen dorpen herdacht. De ramp wordt niet vergeten, niet als we erover blijven praten. Een novelle over familie, wilskracht en overleven in ieder opzicht. Geïnspireerd door het verhaal van Jo Sala-Pollemans, wiens biografie te lezen is in Jo: Hier heb je ’n schrepel en daar kan je beginnen.
Mijn leesbeleving:
73 jaar geleden vond in de nacht van 31 januari op 1 februari 1953 de Watersnoodramp plaats. Meer dan 1800 mensen verloren hun leven.
Dit verhaal wordt in de ik vorm verteld door Frida, een van de vijf kinderen van de familie Jongejan die getroffen worden door de Watersnoodramp. Ik kon me gelijk volledig inleven in het verhaal. Ik zag, voelde, proefde en hoorde alles hoe Frida dat ook ervoer. Ook de ramp verteld vanuit de ogen van het echtpaar die met een koe op zolder zich in veiligheid probeert te houden voor het alles verzwelgende water is indrukwekkend. Vervolgens wordt het verhaal gecomplementeerd doordat reddingswerkers vertellen over hun ervaringen.
Het verhaal is continu hartverscheurend, aangrijpend, indrukwekkend, adembenemend maar geeft ook een onuitwisbare indruk van een ramp die alles verwoestend en meedogenloos was. Families die vanuit het niets in de rouw gestort werden omdat geliefde dierbaren door de stormvloed meegenomen werden en naar gene zijde gingen.
Tijd om terug plekke te rouwen was er niet omdat het niet veilig was in het rampgebied. Overlevenden werden geëvacueerd naar veiliger gebieden. Pas veel later keerden zij terug om hun huizen opnieuw op te bouwen.
Het nawoord van het boek van de auteur zelf is net zo indrukwekkend als get verhaal dat zij over de ramp schreef. Tijdens het lezen probeerde ik telkens een voorstelling te maken van hoe deze ramp zich voltrok. Een melancholisch en beklemmend gevoel overheerste.
Het alles verwoestende water dat geen pauze nam en die mensen geen tijd gaf om te anticiperen en te vluchten. Het woord samenwerken werd opnieuw uitgevonden en bleek een sterke respons op de ramp. Kun je stellen dat de dapperen, de slimmeriken en de sterksten overleefden? Nee er werdgeen onderscheid gemaakt in leeftijd, levensstandaard, overtuiging, karakter en gedrag.
Dit verhaal raakte mij diep en deze leeservaring neem ik de rest van mijn leven mee. De beeldende en filmische schrijfstijl benam me vaak de adem omdat het zo’n impact had.
In de toekomst lees en recenseer ik graag meer van Femke Meijburg.
Mijn mening:
Ik geef 5 sterren.
Een indringend, beeldend, filmisch en hartverscheurend verslag vertelt vanuit diverse perspectieven. Een ramp die allesverslindend en meedogenloos was. En relatief kort na De Tweede Wereldoorlog plaats vond. Die wederopbouw was al loodzwaar en bij de Watersnoodramp verloren deze mensen opnieuw alles: hun veilige huis en have en hun geliefden. In een inktzwarte, ijskoude winternacht. Toen het ochtendlicht verscheen bracht dit geen hoop en troost maar drong het nog meer door hoe allesomvattend rampzalig alles eruitzag. De zee had getriomfeerd. Hopelijk gebeurd een ramp van deze omvang nooit meer door de later voltooide Deltawerken. Maar ik houdt mijn hart vast voor de steeds verder denderende klimaatveranderingen.
1
Reageer op deze recensie
