Meer dan 5,4 miljoen beoordelingen en recensies Organiseer de boeken die je wilt lezen of gelezen hebt Het laatste boekennieuws Word gratis lid
×
Lezersrecensie

Vallen is niet erg

Jan Stoel 14 april 2024
Laïla Koubaa (1977), dochter van een Tunesische vader en een Belgische moeder en opgegroeid in Vlaanderen, heeft met Ik val voor jou een bijzonder boek geschreven. Het gaat over de vriendschap tussen het kleine meisje Noa, die een enorme rode bril draagt en haar spierwitte hond Wolf. Ze zijn altijd samen en Wolf zorgt ervoor dat Noa zich veilig voelt, ook als ze eng droomt. Dat zie je meteen aan het begin van het verhaal als Noa in haar dromen als een ridder ‘te paard’ op de rug van Wolf zit en tegen een vuurspuwende draak vecht. In de rechter benedenhoek zie je ze haar rustig slapen met haar knuffelkonijn naast zich. En ’s morgens is Wolf er nog steeds. Samen ondernemen ze van alles en het is goed dat Wolf altijd in de buurt is, want Noa valt erg vaak. Als dat gebeurt dan is de hond er altijd om haar op te vangen. Op een aantal bladzijden (prachtig getekend door Evi Radoes; zij is van oorsprong architecte en voegt met haar tekeningen een creatieve dimensie aan het verhaal toe) zie je dat aan de linkerzijde een deel van het verhaal verteld wordt en rechts dat Noa valt. Maar dan valt Wolf ook een keer en zegt Noa dat hij niet verdrietig moet zijn. “Iedereen valt toch wel eens.” De conclusie van het verhaal is prachtig.

Boomhut

De auteur weet in korte zinnen een mooi verhaal te vertellen, dat soms zelfs poëtisch wordt: “Van boven turen we uren / naar de mooie vlinders. / Die wil ik wel eens strelen…” De illustraties zijn vrolijk, speels en fris en kinderen zullen moeten lachen om Wolf verkleed als Roodkapje en Noa die over een bananenschil uitglijdt. Een hoogtepunt is de plaat waar aan de linkerkant de winter en de rechterkant de zomer verbeeld wordt. In het midden staat de boomhut waar Noa vaak te vinden is, aan de linkerkant in winterse en recht in zomerse sferen.

Het lijkt een verhaal over een hechte vriendschap tussen een meisje en een hond. Ze kunnen niet zonder elkaar. De hond vrolijkt Noa op. Je zou het in de meest letterlijke betekenis een echte hulphond kunnen noemen. Het prentenboek bevat echter een diepere laag. Noa lijdt aan epilepsie, een tijdelijke kortsluiting in je hersenen. Tijdens zo’n epileptische aanval geven de hersencellen verkeerde opdrachten door aan je lichaam. Soms val je als je epilepsie heeft, maar er zijn ook andere kenmerken. Zo kun je even niet uit je woorden komen of even voor je uitstaren. Koubaa heeft dit alles subtiel in het verhaal verwerkt. Dat alles zorgt ervoor dat dit een ontroerend prentenboek is. Vallen is niet erg.


Recensie is eerder gepubliceerd op Bazarow.com

Reageer op deze recensie

Meer recensies van Jan Stoel