Lezersrecensie
Salingers wereld is een schouwtoneel
Voordat ik begin met de bespreking van J.D. Salingers meesterwerk ‘The Catcher in the Rye’ een advies: lees dit boek in de oorspronkelijke taal. Het puberale Engels is eenvoudig te volgen en vormt een belangrijk deel van je leeservaring.
De 16-jarige Holden Caulfield doet verplicht verslag van de dag waarop hij van de kostschool in Pennsylvania wordt gestuurd en de dagen erna waarin hij door New York, de woonplaats van zijn ouders, rondzwerft. Salinger heeft de roman dus als een onbetrouwbare raamvertelling geconstrueerd.
Er zijn twee hoofdredenen voor de status van dit boek als klassieker. Ten eerste is Holdens verslag op het eerste gezicht openhartig en humoristisch, soms op het hilarische af, maar tussen de regels door lees je de worsteling van een psychisch zwaar beschadigd kind. Een beschadiging die hij voor de buitenwereld wil verbergen en hijzelf niet onder ogen kan zien omdat ze te pijnlijk is. De onderdrukte pijn zoekt zich op een hartverscheurende manier een uitweg. Ten tweede heeft het hoofdthema te maken met ons menszijn en is daarmee universeel en wezenlijk. Via Holden heeft Salinger dit hoofdthema op een aangrijpende en toegankelijke wijze uitgewerkt.
Om dat hoofdthema op te sporen moeten we de totstandkoming van het boek in beschouwing nemen. Salinger werd in 1919 geboren. Hij zat op school in New York en heeft in Pennsylvania en New York gestudeerd. Als dienstplichtige was hij op D-Day in Normandië en betrokken bij twee veldslagen. In 1945 nam hij deel aan de bevrijding van een concentratiekamp bij Dachau. Daarna werd hij met PTSS in het ziekenhuis opgenomen. Salinger heeft het verhaal dus als getraumatiseerd, afgezwaaid dienstplichtig soldaat geschreven, al is niet bekend of Salinger dit deed bij wijze van psychotherapie. Kort na het verschijnen van de roman in 1951 gaf Salinger toe dat de roman min of meer autobiografisch was: “Mijn jeugd lijkt veel op die van de jongen in het boek, en het was een grote opluchting om erover te vertellen.” Eind jaren veertig werd hij volger van het zenboeddhisme en leefde daarna een extreem teruggetrokken leven.
Het wordt daarmee duidelijk dat het hoofdthema het categorisch afwijzen van de nepwereld van volwassenen is. Een hypocriete en soms zelfs valse wereld waarin iedereen slechts een theaterrol speelt en daarin dingen zegt en doet zodat anderen of zijzelf zich beter voelen, maar waarin zich geweld en onderdrukking schuilhouden. Dit hoofdthema strekt dus veel verder dan de bekende verwarring en vrees van een adolescent op het pad naar volwassenwording. Holdens bewondering van de roman ‘The Great Gatsby’ verwijst eveneens naar dit hoofdthema. Salinger gebruikt Holden als een klankbord dat de nepmaatschappij ontmaskert. Het mensbeeld van Salinger en dat van zijn alter-ego Holden zijn hetzelfde. Het is bijzonder dat de romantekst een verbluffende afspiegeling van dit mensbeeld is: onder een vrolijk en vriendelijk uiterlijk kan zich een gruwelijk innerlijk schuilhouden.
Holden heeft weliswaar de uitdrukkingsvaardigheid van een gemiddelde puber maar is absoluut niet naïef. Hij geeft er voortdurend blijk van dat hij de wereld van de volwassenen doorziet. Weliswaar is de oorlog afwezig, toch heeft hij al genoeg meegemaakt om getraumatiseerd te zijn. In situaties van intimiteit en geweld blokkeert hij steeds, en deze reactie is zo consistent dat je wel moet concluderen dat hij slachtoffer van seksueel misbruik is. Toen zijn broertje aan leukemie stierf verwondde hij zichzelf. Als zijn zusje Phoebe vraagt een ding te noemen dat hij erg leuk vindt, kan hij zich niet concentreren en alleen denken aan zijn klasgenoot James die in elkaar werd geslagen omdat hij een opmerking niet wilde terugnemen en daarna geen andere uitweg zag dan uit het raam te springen en te pletter te slaan.
De opgelopen trauma’s hebben geleid tot een mensbeeld waarin de ander niet te vertrouwen is omdat achter een façade van schone schijn en wellevendheid verborgen gewelddadige bedoelingen kunnen liggen. Het is geen nihilistisch mensbeeld, maar het besef dat de mens niet doorgrond kan worden, want hoe weet je of vriendelijkheid, liefde en intimiteit oprecht zijn of slechts valse voorwendselen? Vanuit dat besef voelt Holden zich van de complexe maatschappij van volwassenen vervreemd en wijst haar af. Salinger maakt begrijpelijk en invoelbaar dat Holden geen afscheid van de onschuldige kindertijd kan nemen. Als zijn levenstaak ziet hij het redden van kinderen, hij wil ze behoeden voor de wereld van de volwassenen. Deze missie geeft betekenis aan de romantitel. Het enige wat Holden nog onnoemlijk plezier doet, is het aanschouwen van onschuldig kinderlijk plezier, zoals dat van zijn zusje Phoebe dat geniet op een houten paard in de draaimolen.
(Het citaat van Salinger is vertaald door Pirayaani)