Lezersrecensie

Het debuut van een intrigerende flaneur: vooral aantrekkelijk voor Teju Cole-liefhebbers


Nico van der Sijde Nico van der Sijde
11 mrt 2016

Een aantal jaren geleden werd ik tamelijk opgetogen van Teju Coles prachtroman "Open City", en onlangs werd ik helemaal vrolijk van zijn essaybundel "Known and strange things". Dat maakte mij heel nieuwsgierig naar zijn debuut, de dunne roman (of lange novelle) "Every day is for the thief". En ook dat boek heb ik met veel plezier gelezen. Het heeft dezelfde onthecht mijmerende toon van "Open City", en dezelfde meanderende, tastende wijze van kijken en denken. "Not knowing where I am exposes me to various dangers [...]. On the other hand, letting go of my moorings makes me connect to the city as pure place, through which I move without prejudging what I will see when I come around a corner", aldus de naamloze ik-figuur. Die, net als Julius in "Open City", een onbepaalde identiteit heeft: als Nigeriaan met Amerikaans paspoort zweeft hij als het ware tussen twee culturen, van zijn ouders en vroegere vrienden is hij om niet nader geëxpliciteerde redenen vervreemd, en overal waar hij loopt voelt hij zich niet geworteld en ontheemd. Die conditie wordt met lichte treurnis verdragen, maar ook met gedempte vreugde gekoesterd: door zijn ontheemdheid en ongeworteldheid ziet hij immers alles met onbevooroordeelde blik. En precies dat voedt zijn ellenlange wandeltochten zonder plan, en zijn meanderende mijmeringen over de stad waarin hij loopt.

De fysieke en geestelijke wandeltochten door New York in "Open City" zijn beduidend fascinerender dan de wandeltochten door Lagos in "Everyday is for the thief". Laatstgenoemd boek is zelfs vlak te noemen, zeker in vergelijking met "Open City". Maar toch, voor Teju Cole-liefhebbers als ik is het wel een erg aantrekkelijk boek. De toon mag dan vlakker zijn dan in "Open City" en in "Known and strange things", maar het is wel weer de voor Teju Cole zo typerende toon van de flaneur zonder systeem die naar alles kijkt met verwondering. En ik wil gewoon geen enkel voorbeeld missen van die toon. Ook hier fascineert weer die onthechtheid, die alleen tussen de regels aangestipte en nergens verklaarde eenzaamheid van de hoofdpersoon, die droeve ondertoon. Ook hier fascineert weer die meanderende blik die op eigen wijze associeert, zoekend naar sprankjes onverwachte en hoopgevende schoonheid. "A spot of sun that moves over the house walls" noemt hij dat ergens, met een duistere maar fascinerende dichtregel van Transtromer in het achterhoofd. De ik-figuur zoekt als het ware steeds naar die zonnevlekken die bewegen over de muur, zonnevlekken die alleen hij ziet omdat hij als enige flaneert en zonder systeem mijmert. Anderen zien helaas alleen de muur in al zijn eenvormigheid. Of zelfs dat niet eens.

Het is mooi om de ik-figuur te volgen in zijn dwaaltochten door Laos, en met hem mee te mijmeren over alle corruptie, criminaliteit, gewelddadigheid, verholen armoede en regelrechte hypocrisie. Ook is het mooi om te zien hoe de ik-figuur, al dwalend door het treurige Laos, toch onverwachte "spots of sun" tegenkomt, zoals bijvoorbeeld een winkel waar jazz wordt verkocht of een verdwaald kunstwerk, of een toevallige passante die verdiept is in een roman van Ondaatje. De tekst wordt afgewisseld met zwart-wit foto's, die niet worden toegelicht maar wel op raadselachtige wijze bijdragen aan de mijmerende en flanerende stemming van het boek. Soms versterken tekst en foto elkaar omdat ze elkaars raadsel vergroten: bijvoorbeeld bij een mijmering over de vele doden op de achtergrond van ons leven die samengaat met een raadselachtige, intrigerend vage foto die vooral spookbeelden lijkt te bevatten. Vaak is de relatie tussen tekst en foto onbepaald, zodat die foto's uitnodigen tot flanerend kijken zonder dat de tekst dit met enige duiding belemmert. Temeer omdat die tekst eveneens flanerend en mijmerend is opgezet, wat nog versterkt wordt door de nogal gefragmenteerde opzet van het boek als geheel.

Ik vraag mij af hoe leesbaar dit boek is voor iemand die nog niks van Teju Cole gelezen heeft. Bovendien vermoed ik dat het voor veel mensen veel te saai en te vlak is. Andere boeken van deze man zijn bovendien beter, zoals gezegd. Maar ik hou erg van deze schrijvende, mijmerende en onbevooroordeeld kijkende flaneur. Ik hou erg van zijn zoektochten naar beweeglijke "spots of sun" en onverwachte perspectieven. Ik hou erg van zijn onthechte toon en zijn tastende blik. Dus ben ik blij dat ik nu ook het debuut ken van deze intrigerende flaneur.

Reacties

Meer recensies van Nico van der Sijde

Boeken van dezelfde auteur