Lezersrecensie
Verlangen naar het onmogelijke
Dit boek heeft de belangrijkste Russische literatuurprijs gewonnen, en het is ook in Nederland zeer bejubeld. Volkomen terecht: het is echt geweldig mooi geschreven, prachtig opgebouwd, en bijzonder origineel opgezet. Het zit ook erg subtiel in elkaar, zo subtiel dat ik het twee keer moest lezen omdat ik de eerste keer allerlei belangrijke nuances had gemist en geen greep erop kreeg. Je moet dit boek dus wel met veel aandacht en concentratie lezen, en niet snel tussen de bedrijven door zoals ik eerst deed. Je moet er moeite voor doen, en een flink beroep doen op je hoofd en invoelingsvermogen. Maar voor die moeite krijg je heel veel terug. Ik tenminste wel.
Het hele boek draait om de brieven tussen Volodja, die anno 1900 strijden moet in de Chinese bokseroorlog, en zijn geliefde Sasja die in Rusland op hem wacht. Beiden schrijven met veel passie over hun liefde, die voor hen zo ongeveer de essentie van hun bestaan en hun identiteit is. "Mijn huid bestond alleen daar waar jij haar had aangeraakt", zegt een van hen; beiden zeggen geregeld dat hun ervaringen pas werkelijk worden als zij erover schrijven in hun brieven, beiden hebben sterk het gevoel dat hun 'ik' pas werkelijk wordt in de woorden die zij elkaar schrijven. Ja, de hele WERELD komt hen los van de woorden als onwerkelijk en onwezenlijk voor. Volodja zegt dit het scherpst: "De koude leegte van het heelal, waar ik niet uit kan kruipen, kan alleen maar worden gevuld door het wonderlijke gonzen, ritselen, bruisen en de golfslag van de woorden. Het vluchtige, voorbijgaande wordt alleen dan heuglijk en begrijpelijk wanneer het door de woorden heen gaat. Zonder dat is de blijdschap voor het nu, waartoe de wijzen oproepen, gewoon onmogelijk". Tegelijk zegt Volodja ook: "Al het belangrijke dat er in het leven plaatsvindt, gaat de woorden te boven"; ook de gevoelvolle taal van Volodja en Sasja kan niet het hele bestaan en het hele leven omvatten, er is altijd iets wat onzegbaar blijft. Maar met inzet van al je verbeeldingskracht kun je dit onzegbare wel dicht naderen, en dan openen ze vensters op een wereld van ongekende en vaak niet eerder aanschouwde pracht. "Al het bestaande en momentane weerspiegelt licht. Dit licht gaat door de woorden heen, als door een ruit. Woorden bestaan om licht door te laten". Volodja en Sasja willen elkaar dus brieven schrijven zo transparant als vensters, waarin zij elkaar en zichzelf kunnen aanschouwen in een nieuw licht dat alle verborgen nuances tot schitteren brengt. En dat doen ze op bevlogen wijze, strooiend met prachtige metaforen en soms adembenemd mooie en lyrische zinnen. Zinnen die tevens een ode zijn aan de verbeeldingskracht; dat raadselachtige vermogen van de menselijke geest om deze toch door dood en verval geteisterde en vaak zo grauwe wereld te verfraaien met liefde, schoonheid, kunst, en gepassioneerde aandacht voor ogenschijnlijk onnutte details.
Het pregnante is echter dat de brieven van Volodja en Sasja elkaar wel afwisselen, maar dat ze daarin niet op elkaars brieven reageren. Het is net alsof elkaar schrijven voor hen een levensbehoefte is, maar elkaar lezen onmogelijk blijft. Met andere woorden: de brieven komen niet aan, bereiken hun geadresseerden niet. Sterker nog: al vrij vroeg in het boek sneuvelt Volodja, en moet Sasja zonder hem verder. De brieven echter gaan door: Volodja blijft schrijven, maar blijft als het ware gevangen in die oorlog in het verre China. Als een soort levende dode, zou je kunnen zeggen: alsof de enorme (en ijzingwekkend beschreven) gruwelen van die oorlog voor hem een eeuwig heden zijn waaruit geen ontsnapping mogelijk is. Zelfs geen verlossende dood. Sasja op haar beurt blijft Volodja schrijven, maar zij leeft wel door: ze wordt ouder, krijgt en verliest een kind, verliest haar dierbaren, heeft momenten van geluk maar vooral veel momenten van desillusie, verlies en verdriet. Werkelijk ijzingwekkend is dat: de een schrijft vanuit een soort postuum eeuwig heden vol van oorlogsgeweld en dood waaraan hij niet kan ontkomen, de ander schrijft vanuit een leven dat zich 'gewoon' doorontwikkelt in de tijd, met alle verlies en verval van dien. De brieven blijven vol staan met aanstekelijk beschreven geluk, zoals in de volgende passage waarin Sasja wakkker wordt van geluiden uit de nabij gelegen dierentuin: "Ik rek me heerlijk uit en luister naar onbegrijpelijke stemmen. Doordringende kreten, blij gegil, misschien van de paradijsvogels? Alsof ik ben ontwaakt in een tropisch bos. Of in het paradijs. Ze schreeuwen allemaal uit enthousiasme over deze zonnige ochtend. Ze kunnen zich niet inhouden. En wat niet kon schreeuwen van geluk, is gewoon verstijfd en verstomd van verrukking: de boom, het raam, de weerschijn van de zon op het plafond". Maar beide brieven staan ook vol met vertwijfelde wanhoop, Zoals in de volgende mijmering van Sasja: "Er bestaat kinderspeelgoed voor de allerkleinsten - in een plaat zijn een cirkel, een vierkant, een huisje en allerlei voorwerpen uitgesneden, en dan moet je deze vormen er op de juiste wijze in zetten. Als je een figuurtje kwijt bent, heb je niets om het gaatje mee te vullen. In plaats van een huisje heb je een gapende leegte. En nu heb ik het gevoel dat mijn leven zo'n verzameling leegtes is: het huis, mijn man, de liefde deze avond - er is niets waarmee ik ze kan vullen. Er zijn gaten in het heelal - het tocht. Met het verstrijken van de jaren komen er steeds meer gaten - mensen verdwijnen"
De brieven van beide geliefden staan dus wel vol met prachtig geschreven jubel en aanstekelijke odes aan de verbeeldingskracht, maar ook vol met leegte die door geen verbeeldingskracht kan worden gevuld. Bovendien bereiken de brieven hun geadresseerden niet. Je zou dus kunnen denken dat juist het TEKORTSCHIETEN van de verbeeldingskracht uiteindelijk het thema is van dit boek. Of ook de onontkoombaarheid van dood en verlies. Maar ik lees dit boek uiteindelijk toch veel positiever. De brieven van Volodja bereiken zijn geliefde weliswaar niet, maar hij BLIJFT haar schrijven over de grenzen van de dood heen. Dat vind ik toch een wel heel ontroerend en imponerend beeld. Even ontroerend vind ik dat Sasja naar Volodja blijft schrijven, en hem in haar brieven blijft toespreken als een gesprekspartner, en zich dus niet neerlegt bij zijn dood. Bij tweede lezing viel mij bovendien op dat sommige motieven in de brieven van zowel Volodja als Sasja terugkomen: alsof ze TOCH met elkaar in gesprek zijn, al lezen ze elkaars brieven niet. Het is navrant om te lezen hoe Sasja een 'sneeuwmeisje' maakt als substituut voor haar verloren dochter en nog met dat sneeuwmeisje in gesprek gaat ook, maar tegelijk is dat ook heel troostrijk: alsof het verlies door deze bizarre fantasie TOCH niet helemaal absoluut is. En ja, het slot van dit boek zal ik niet verklappen: dat is zeker geen 'happy ending' waarin Sasja en Volodja elkaar 'alsnog krijgen', maar hun VERLANGEN om elkaar te vinden over de grenzen van leven en dood heen blijft tot en met het slot volkomen levend en intens. En dat is ontroerend en imponerend, hoe onmogelijk dit verlangen ook is.
Voor mij is eigenlijk precies dat waar dit boek om draait: verlangen naar het onmogelijke, dat zich niet aan grenzen van dood en leven wenst te storen. In de dagelijkse wereld of in realistische literatuur is dit ook een onmogelijk verlangen, maar bij Sjisjkin is het dat niet. En daarom heb ik dit boek jubelend gelezen, twee keer achter elkaar.