Lezersrecensie

Prachtige mijmeringen van een droevige flaneur


Nico van der Sijde Nico van der Sijde
13 mrt 2016

Open stad heeft geen duidelijke structuur of plot: hoofdpersoon is een dwalende flaneur, en het verhaal gaat alleen over zijn mijmeringen en toevallige indrukken. Liefhebbers van een spannend verhaal zullen er dus niks aan vinden. Toch is het wereldwijd bejubeld. Salman Rushdie putte zich uit in lof, Amerikaanse en Engelse recensenten vonden het een meesterwerk, en ook in Nederland en België klinkt nu gejuich. Volkomen terecht, naar mijn smaak. Open stad is een grandioos kunstwerk: kleurrijk en meerstemmig, vol schoonheid en filosofische diepgang, en prachtig van stijl.

Verteller en hoofdpersoon is Julius, geboren in Nigeria uit een Duits-Nigeriaans huwelijk, immigrant in New York, na zijn breuk met familie en vriendin alleen op de wereld. Hij is een buitenstaander die de wereld met verbazing en distantie bekijkt, want alles is voor hem bevreemdend en ongedefinieerd. Maar juist daardoor heeft hij een open en nieuwsgierige blik, en aandacht voor ongewone details. Wat leidt tot observaties als: ‘De nieuwe gebouwen schurkten niet alleen tegen de oudere aan, maar drongen daar zelfs naar binnen, glimmend en bevreemdend als lichaamsprotheses’. Hij dwaalt door New York, en laat de verscheidenheid aan kleuren, stemmen, levensverhalen, sferen, rassen en culturen zijn hoofd binnenstromen. 'Elke buurt in de stad leek gemaakt van een andere materie, leek een andere luchtdruk te kennen, een ander psychisch gewicht’, zo merkt Julius, en bovendien verandert elke buurt doorlopend van gedaante door veranderingen in het weer, de lichtval, de langslopende mensenmassa’s, en de verkeersdrukte. Bij iedere plek droomt hij over de nauwelijks zichtbare sporen van de geschiedenis en bespeurt hij vage historische echo’s van verre landen en culturen, of associatieve overeenkomsten met zijn Nigeriaanse jeugd. Ook is hij een onverzadigbare liefhebber van film, literatuur, fotografie (‘de meest geheimzinnige van alle kunsten’), muziek, Nigeriaanse mythen, geschiedenis, schilderkunst, en filosofie. Dat verrijkt vervolgens zijn blik: ‘De muziek van Mahler domineerde de hele volgende dag mijn bezigheden. Overal […] kwamen zelfs de gewoonste dingen in een nieuw, intens licht te staan […], alsof de precisie van dat orkestrale muziekstuk was overgebracht op de wereld van de zichtbare voorwerpen, en elk detail van betekenis was geworden’. Tevens is hij gevoelig voor trauma’s van plaatsen (de open plek van ‘ground zero’, vijf jaar na ‘nine-eleven’) en van vervolgde bevolkingsgroepen (zwarten, Joden, Indianen, Arabieren). Soms mijmert hij ( o.a. na een prachtige dialoog met de radicale Farouq) over het anders-zijn van immigranten. Daarnaast is hij, als arts-assistent in de psychiatrie, gefascineerd door de ‘donkere kamers’ en ‘blinde vlekken’ in de menselijke geest.

Julius is een improvisator zonder systeem. Zijn wereldbeeld is een blokkendoos die hij elke dag opnieuw opbouwt, bijstelt en weer afbreekt. Hij is vrij als de vogels waarover hij droomt, en staat voortdurend open voor het nieuwe en onverwachte. Tegelijk echter is zijn stemming vaak gekleurd door melancholie, nachtmerries en gedempt verdriet. Ook zegt hij: ‘Ik dreef rond in het duister, een vreemdeling voor mezelf, en ging op in het gevoel dat de wereld bestond, maar dat ik daar geen deel meer van uitmaakte’. Bovendien lijkt hij te worstelen met verdrongen trauma’s, mogelijk zelfs met onbewust schuldbesef vanwege een vergeten misdrijf. Julius heeft dus misschien duistere kanten die hij zelf niet kent of niet wil kennen. Niettemin verdient hij bewondering voor zijn open blik en ontvankelijkheid. Hij gelooft nergens in, niet in God en niet in de menselijke rede, en heeft geen enkel ideaal. Toch wendt hij zich niet van de dingen af, maar kijkt en luistert, zonder oordeel. Hij tast als het ware naar een nieuw levensgevoel, waarvan permanente nieuwsgierigheid de motor is, en omarmt het hele bestaan in al zijn vreemdheid. Wat een geweldig personage, wat een schitterend boek.

Open stad is goed vertaald door Paul van der Lecq

Reacties

Meer recensies van Nico van der Sijde

Boeken van dezelfde auteur