Lezersrecensie

Droevige parabel over een door corruptie uitgehold werelddeel


Nico van der Sijde Nico van der Sijde
12 mrt 2021

Elk jaar kijk ik uit naar de Nobelprijs voor literatuur. Zou die gaan naar een van mijn ultieme helden (zoals Pynchon, Krasznahorkai, Lobo Antunes, Nadas, Marias)? Of naar iemand die ik nog niet of nauwelijks ken en die ik dan nodig eens moet leren kennen (zoals Szymborska, Alexijevitsj, Ishiguro of Glück)? In 2021 won Abdulrazak Gurnah, een mij volkomen onbekende Tanzaniaan. Tijd voor een kennismaking, dacht ik, dus las ik "Paradise", een van zijn bekendste boeken.

Het verhaal speelt in oostelijk Afrika, nog voor WO I zo te zien, in tijden van voortschrijdend kolonialisme. We volgen de lotgevallen van Yusuf, die op twaalf jarige leeftijd door oom Aziz wordt meegenomen, zonder echt te beseffen of te begrijpen waarom, Geleidelijk aan begrijpt Yusuf dat Aziz niet echt zijn oom is, en dat hij alleen wordt meegenomen als onderpand voor de schulden van zijn vader aan Aziz. Feitelijk is Yusuf dus een balling, die abrupt van zijn ouderlijk huis en zijn vader en moeder wordt gescheiden. En eigenlijk is hij voor Aziz, een soms onthecht sprekende moslim die leeft van handel, dus niets meer dan koopwaar. Maar dat besef lijkt Yusuf te verdringen, alsof het te groot en te traumatisch voor hem is. En ook de lezer beseft het niet meteen, omdat de stijl van "Paradise" vaak zo afstandelijk en sereen is. En de reden daarvoor is, volgens mij, dat deze roman zich weliswaar laat lezen als coming- of- age roman, als avonturenroman en als historische roman, maar toch vooral als een parabel. Zodat de personages soms eerder symbolen of allegorische gestalten zijn dan "round characters" van vlees en bloed.

Een hoogtepunt in "Paradise" is de lange handelsreis van Aziz samen met Yusuf en een beladen karavaan, een handelsreis vol spectaculaire gebeurtenissen en dramatiek, die het karakter krijgt van een Odyssee langs een bonte verscheidenheid van natuurtaferelen en een al even bonte diversiteit van culturen. De daarbij afgelegde route is heel symbolisch, zo ontdekte ik na wat googelen: de karavaan volgt precies het traject van de beruchte slavenroutes. Ook - en mede daardoor- wordt die reis meer en meer tot symbool van de handelsgeest die Afrika al helemaal uitholde, nog voordat Afrika door Europese kolonialisten werd overspoeld. Nog voordat deze reis beschreven wordt, dus vrij vroeg in deze roman, maken we al kennis met Yusufs surrealistische dromen, bijvoorbeeld "He dreamt that his mother was a one- eyed dog he had once seen crushed under the wheels of a train. Later he dreamt that he saw his cowardice glimmering in moonlight, covered in the slime of its afterbirth. He knew it was his cowardice because someone standing in the shadows told him so, and he himself saw it breathing". Later in deze roman blijkt deze droom de symbolische verdichting te zijn van het corrumperende onheil dat Afrika overspoelt, en van Yusufs eigen onvermogen om zich tegen dat onheil - en zijn eigen onderdrukte positie- te verzetten. Wel wordt Yusuf zich meer en meer van die eigen onderdrukte positie bewust, en van de existentiele leegte van hemzelf en anderen. Want die anderen zijn "Stranded in the middle of nowhere" en "stuck in one smelly place or another, infested by longing and comforted by visions of lost wholeness". En zichzelf ziet hij zich vlak na die reis als volgt: "He told Khalil that so often on the journey he felt like a soft- fleshed animal which had left its shell and was now caught in the open, a vile and grotesque beast blindly smearing its passage across the rubble and the thorns. That was how he thought they all were, stumbling blindly through the middle of nowhere. The terror he had felt was not the same as fear, he said. It was as if he had no real existence, as if he was living in a dream, over the edge of extinction."

Ook dit is vrij afstandelijk beschreven: we lezen hier niet Yusufs uitgeschreeuwde woorden vanuit een ik- perspectief, maar door de alwetende verteller samengevatte parafrase van Yusufs verhaal aan zijn vriend Khalil. Juist dat echter onderstreept voor mij nog extra de onbevattelijkheid en onwerkelijkheid van wat Yusuf ervaart en voelt. En de mate waarin hij daar geen greep op krijgt. Die lange handelsreis, doorheen grote delen van Afrika en langs de trajecten van de slavenroutes, is voor Yusuf duidelijk een initiatierite vol desillusie. Want de jonge Yusuf wordt duidelijk volwassener in deze Odyssee- achtige reis, en exact dat leidt tot een steeds explicieter gearticuleerd besef van onmacht en existentiële leegte.

Dat alles krijgt nog meer lading aan het slot van de roman, waarin steeds duidelijker wordt dat "Paradise" een parodie is op het Yusuf- verhaal uit de Koran (dat weer verwant is aan het Jozef- verhaal in de Bijbel). De soera over Yusuf in de Koran is een parabel over vertrouwen in Allah, ook op de bodem van de totale wanhoop. "Paradise" echter eindigt in onmacht en leegte. De Yusuf van "Paradise" is vol schoonheid, en gezegend met het vermogen tot voorspellende dromen, net als de Yusuf in de Koran. Alleen, de Yusuf in "Paradise" droomt heel vreselijke en onwerkelijke dromen die hem alleen maar doordringen van alle onheil en leegte, en zijn schoonheid dient tot niets. De Yusuf van de Koran weerstaat de verleidingen van de vrouw van de Pharao, en demonstreert daarmee zijn grote vroomheid en zuiverheid: de Yusuf van "Paradise" komt in een heel andere kluwen van verlokkingen terecht, waaronder die van de krankzinnige en diep gewonde vrouw van Aziz, en het kan Aziz niet eens wat schelen of Yusuf daaraan weerstand heeft geboden of niet. "Paradise" was, als Odyssee doorheen Afrika langs de trajecten van de slavenroutes, al vol parabel-achtige symboliek. Maar dat wordt nog versterkt door deze verwijzingen naar de Koran. En door het parodistische karakter van die verwijzingen wordt "Paradise" nog meer tot een parabel vol onmacht en existentiële leegte.

Door de vaak zo afstandelijke toon van "Paradise" had ik in het begin wel moeite om in het verhaal te komen. Maar uiteindelijk vond ik "Paradise" wel heel goed in elkaar zitten. Niet alleen als parabel, maar ook als coming-of- age roman en als avonturenroman. Ook de natuurbeschrijvingen zijn soms prachtig, vol met zinnen als "If he listened carefully enough, he would hear a hum rising and falling behind the roar of the falls, the sound of the river God breathing". Die beschrijvingen symboliseren tegelijk ook het intense verlangen van Yusuf en andere personages naar het ongerepte paradijs, of naar glimpen op dat paradijs die oplichten in de natuurpracht van Afrika. En dat geeft weer extra pijnlijke lading aan de desillusie waarmee "Paradise" eindigt. Al kan het ook worden gelezen als een symbool van hoop: Afrika als geheel werd al voor WO I gecorrumpeerd door handelsgeest en voortdenderend kolonialisme, zo suggereert Gurnah, maar in sommige onbewoonde uithoeken was en is het nog ongerept en schoon. En ook het open einde van "Paradise" kan misschien worden gelezen als symbool van voorzichtige hoop: Yusuf is doordrongen van wanhoop en leegte, maar misschien staat hij ook op het punt om in verzet te komen tegen alle onderdrukking om hem heen. In dat geval is "Paradise" niet alleen de parabel van onmacht en existentiële leegte, maar misschien ook de parabel van een voorzichtige hoop. En wellicht zelfs de voorzichtige oproep om die leegte wel te erkennen, maar om je niet definitief bij die leegte neer te leggen.

"Paradise" was voor mij kortom een aangename kennismaking met de Nobelprijswinnaar 2021. Niet zodanig overdonderend dat ik nu meteen alles van Gurnah lezen wil. Maar wel zo aangenaam dat ik op termijn ook andere boeken van hem zal gaan lezen.

Reacties

Meer recensies van Nico van der Sijde

Boeken van dezelfde auteur