Lezersrecensie

Hervertellingvan een oude mythe


Nico van der Sijde Nico van der Sijde
13 mrt 2016

Ragnarök is een moderne bewerking van een oud-Noordse mythe. Daarin wordt verteld hoe uit een gapende leegte een kleurrijke wereld ontstond die bevolkt werd door magische dieren, fantastische boomsoorten en grillige goden, en hoe die wereld steeds prachtiger en fantastischer werd. Maar de mythe vertelt ook hoe die wereld ten onder ging: over het einde der tijden en de catastrofale en bloedige ondergang van de Noordse goden. Deze mythe is ondoorgrondelijk en duister, en precies dat maakt hem interessant. Mythen, zegt Byatt, ‘brengen de lezer in verwarring en laten hem niet los’. En: ‘mythen geven vorm aan de wereld, [….] niet om een prettig beeld te creëren, maar om ons met het onbevattelijke te confronteren’. Het zijn geen sprookjes met een gelukkig einde, geen allegorieën met een duidelijke levensles, maar grillige en duistere raadsels die ons blijven fascineren. Die fascinerende raadselachtigheid laat Byatt in Ragnarök heel mooi zien.

Hoofdpersoon is ‘het tengere kind’, een klein Engels meisje – misschien de jonge Byatt- dat in WO II naar het platteland is geëvacueerd om bombardementen te ontlopen, en dat vol passie oud-Noordse mythen leest. De duistere dreiging in die Noordse mythen vermengt zich in haar hoofd met de dreiging van de oorlog. De in vlammend vuur verzengende goden doen haar denken aan de bombardementen op Londen en aan haar vader, die oorlogsvlieger is. Zijzelf lijkt, met een gasmasker op, net een Noords fabeldier. De mythische goden lijken gegrepen door een onbegrijpelijk noodlot dat sterker is dan henzelf, net als het tengere kind en haar dierbaren. Vooral de beangstigende sfeer van het nakende einde der tijden herkent ze in de Noordse mythen. Die confronteren ook haar dus met ‘het onbevattelijke’. Toch geven juist die mythen haar een eigenaardig soort vrede en plezier, en meer inzicht in het noodlot dat haar omringt. Byatt beschrijft dat prachtig.

Maar misschien nog mooier is de natuurlyriek in Ragnarök. De Noordse mythen staan vol met fabeldieren en fantastische natuurtaferelen, die door Byatt erg poëtisch worden beschreven. Bijvoorbeeld: ‘De huid van een makreel is een verdwijntruc op zich. Langs de gladheid lopen lijnen van rimpelend water die zon en schaduw, wolkenlicht en maanlicht door dichte lagen water nabootsen, en wuivend zeewier en aanrollende golven die het weerkaatste licht van de schubben vervormen’. Of: ‘Aegir maakt muziek op een harp en op een paarlemoeren trompetschelp. Walvissen en dolfijnen hangen roerloos in het water en ziften het gezang door de echokamer van hun kop’. ‘Het tengere kind’ wordt sterk geraakt door de schoonheid van deze mythische taferelen, zo sterk zelfs dat ze haar eigen mythen maakt van de weilanden waar ze elke dag doorheen loopt. Elke tak is een fabeldier, elk kikkervisje een magisch verschijnsel, elke vogel een onbevattelijk wonder. De natuurpracht stimuleert haar fantasie, haar fantasie stimuleert haar genot. Zij het een droevig genot, want alle natuurpracht is uiteindelijk tot ondergang gedoemd…..

Ragnarök is misschien niet zo sterk als Byatts beroemde romans Obsessie en Het boek van de kinderen. Maar het is wel een parel van schrijfkunst. Prachtig is hoe Byatt het duistere karakter van Noordse mythen overbrengt, en hoe ze dat verweeft met de angsten van een klein kind. En schitterend is hoe ze de schoonheid van de natuur tot mythische proporties uitvergroot, in zinnen vol fantasie, poëzie en lyriek. Een aanrader dus voor alle Byatt-fans, voor alle liefhebbers van mythen, en voor alle liefhebbers van fantasievolle literatuur.

Het boek is mooi vertaald door Gerda Baardman en Maria Lameris.

Reacties

Meer recensies van Nico van der Sijde

Boeken van dezelfde auteur