Lezersrecensie

Niet ECHT een trilogie, maar Modiano is Modiano is Modiano en dat is prachtig


Nico van der Sijde Nico van der Sijde
8 mrt 2017

De geniale Patrick Modiano werd geboren in 1945, begon zijn schrijverscarrière in 1968, en kreeg tot mijn jubeljuichende vreugde de Nobelprijs in 2014. En in 2017 worden drie romans uit de jaren 1988- 1993 gebundeld als een trilogie over beginnend schrijverschap: "Verdaagd Verdriet" (eerder al apart uitgegeven), "Bloemen en puin" (nu voor het eerst vertaald) en "Hondelente" (eerder al apart uitgegeven). Heruitgave dus van twee boeken en een eerste vertaling, gedrieën gebundeld in een band. Eigenlijk gewoon de bundeling van drie losse novellen c.q. dunne romans. Dat is wat anders dan een trilogie.

Maar inderdaad speelt in alle drie boeken wel het ontluikend schrijverschap een rol van een naamloze, piepjonge en melancholiek-droevige ik-figuur. Bovendien, wat kan het mij schelen: het zijn drie prachtige boekjes. Ik herlas "Verdaagd Verdriet" vol snikkende vreugde, ik las "Bloemen en Puin" en "Hondelente" met evenveel vervoering. En ik vond het ook geweldig om drie Modianootjes achter elkaar te lezen en de terugkerende motieven in die Modianootjes met elkaar te vergelijken: de passages over ontluikend schrijverschap inderdaad, maar ook de angsten voor en verlangens naar vergetelheid, de mistige weemoed, de ontwortelde illegaliteit waarin veel personages zich bewegen, hun gevoel dat een duistere wet het hen eigenlijk verbiedt te bestaan in het volle licht zodat ze altijd de schemering moeten opzoeken, hun gedempte verdriet daarover, maar ook hun gedempte vreugde daarover omdat juist die illegaliteit en die schemering ook een soort onthechtende lichtheid met zich meebrengen.

Veel mensen vinden Modiano al te eentonig, omdat hij elke keer weer een andere aflevering schrijft van hetzelfde boek. Als idolate fan heb ik echter geen last hiervan, omdat ik elke keer helemaal word betoverd door Modiano's stijl, en bovendien word ik niet alleen betoverd door alle overeenkomsten tussen zijn verschillende boeken maar ook door de eigen accentueringen in elk boek en de subtiele verschillen. In met name "Bloemen en puin" en "Hondelente" is bijvoorbeeld de obsessie van het schrijven en optekenen voelbaarder dan in veel andere Modiano-boeken: de obsessie om alles te noteren opdat het niet verdwijnt, of alles opnieuw op te tekenen zodat het aan de verdwijning wordt onttrokken. Een obsessie ook om alles te archiveren, en om sporen vanuit het verre verleden terug te vinden in vergeelde krantenknipsels, adressenboeken vol namen van mensen die allang dood zijn en die woonden in huizen die allang niet meer bestaan, of foto's vol spookachtige schimmen van mensen wier naam, achtergrond en identiteit hoogst onzeker is.

Tegelijk is met name in "Hondelente" ook het VERLANGEN naar verdwijning heel voelbaar: de jonge hoofdpersoon tekent eerst alle moeizaam gereconstrueerde sporen op van een melancholieke oudere fotograaf die bewust ervoor koos om te verdwijnen in het niets, diezelfde jonge hoofdpersoon heeft ongelofelijk poëtisch beschreven angstige duizelingen omdat hij voelt dat zijn eigen identiteit en geschiedenis eveneens in het niets dreigt te verdwijnen, maar op latere leeftijd voelt deze hoofdpersoon zich één met de verdwenen fotograaf en doorvoelt hij diens snakkende verlangen om te verdwijnen in het niets, de mist en de stilte. Waardoor ik als lezer in stilte applaudisseer: ik vind het prachtig hoe Modiano het verlangen voelbaar maakt om alles voor vergetelheid te redden, ik vind het minstens zo prachtig hoe hij het verlangen voelbaar maakt om juist in die vergetelheid te verdwijnen, en hoe hij beide verlangens tegelijk voelbaar maakt binnen een boek (of in dit geval: drie boeken) vind ik ronduit grandioos.

Zoals ik ook weer genoot van de beschrijvingen van Parijse straten: de obsessieve wijze waarop de ik-figuur de lezer bedelft onder topografische details getuigt van een enorm verlangen naar houvast en ordening, en tegelijk zijn die straten unheimlich, spookachtig, vol bijna mythische dodenschemering. Wat dan aan de ene kant heel luguber is, en aan de andere kant fascinerend verlokkend. En ook prachtig is hoe de jonge ik-figuur in alle drie romans zich onderdompelt in een sfeer van tijdelijke en provisorische illegaliteit, ontvlucht aan ouders en maatschappij, levend aan de randen van de dag en het licht. Zodat hij, net als veel van de schimmige en vaak semi-criminele personages die hij tegenkomt, leeft alsof het hem is verboden te leven. De daarmee samenhangende gedempte treurnis en thuisloosheid wordt in schitterende sfeerbeelden opgeroepen. Maar dat geldt ook voor de vaak bijzonder ontroerende hoop op verlossing uit die thuisloosheid, en voor de gevoelens van lichtheid en bevrijdende onthechting die juist door die thuisloosheid worden geschonken.

Ja, ook deze Modiano was weer een groot genot. Dat hij nog maar veel moge blijven schrijven, en dat er nog maar vele heruitgaven mogen volgen, in wat voor vorm dan ook. Ik zal het allemaal lezen, herlezen en herlezen.

Reacties

Meer recensies van Nico van der Sijde

Boeken van dezelfde auteur