Lezersrecensie
De schoenmaker, zijn leest en een filmverboeking
Video vermoordde niet alleen de radioster, maar ook de filmverboeking. Boeken die als tie-in met of als merchandising van een succesfilm verschenen, waren een ding tot in de jaren tachtig, maar toen film door de komst van videotheken en veel meer dan twee zenders op tv een veel minder efemeer medium werd, waren ze snel verdwenen. Het waren dan ook flodderige boekjes, haastig geschreven en dito uitgegeven. En een ding stond als een paal boven water: ze waren slechter dan de film. Er zal niemand beweren dat het boek van Close Encounters of the Third Kind beter is dan de film ook al is het geschreven door Steven Spielberg zelf. Ook De Lift wilde je als zien, niet lezen en dat gold evenzeer voor Schatjes, hoewel dat van de hand van (de latere) succesauteur Allard Schroder is. Een filmverboeking was een souvenir voor degenen die de film hadden gezien en een aanvaardbaar surrogaat voor zij die daartoe niet in de gelegenheid waren geweest, maar toen films een tweede leven op tv en videoband kregen, was het over en uit voor de boeken. Quentin Tarrantino die een voorliefde voor fysieke media heeft (getuige zijn aankoop van een bioscoop en releases op 70 mm film) en gefascineerd is door filmgeschiedenis in al zijn facetten (zie zijn gehele oeuvre culminerend in Once upon a time in Hollywood), zag in zijn laatste film een goede gelegenheid om ook dit genre eens te reanimeren.
Helaas niet gedrukt op pleepapier en ook niet voor vier vijfennegentig in harde guldens vanuit zo’n wankel boekenmolentje te bekomen in een 4=6 supermarkt of een campingwinkel in Drenthe of ergens op de Veluwe, ademt het boek qua omslag en formaat wel helemaal de sfeer van weleer. Tarrantino realiseerde zich ook wel dat het regelrecht navertellen van een film die een paar maanden na release al te streamen valt (en anders wel bij de Mediamarkt of bij Bol ligt) zinloos is, dus qua verhaal lopen boek en film behoorlijk uiteen. De grote filmontknoping wordt in het boek in een halve bijzin even aangestipt en dat maakt de passages over de Manson familie en Sharon Tate die wel uitgebreid beschreven worden wat willekeurig en wellicht zelfs overbodig, maar dat bevestigt slechts dat het boek eigenlijk niet los van de film gelezen kan en dient te worden.
In het boek wordt veel dieper ingegaan op de achtergronden van de hoofdpersonages (acteur Rick Dalton en zijn stand-in Cliff Booth) en de pilot van de western die Dalton in de film opneemt. In een stijl die nog wel eens knoerthard pleegt te knarsen. ‘De knappe tweeenveertigjarige acteur Rick Dalton en zijn de rigueur natglanzend bruine pompadour-kapsel komen achter haar aan’, valt op de eerste bladzijde al te lezen. Rick Dalton komt achter haar aan én zijn kapsel komt achter haar aan. Tjonge. Ik weet niet of het hier Tarrantino is die formuleert als een dronken matroos of dat het in de vertaling misgaat, maar over dit soort zinnen struikelde ik best vaak. Daarnaast regisseert de schrijver zijn personages nogal nadrukkelijk door uitgebreid te bespreken wat zij denken of voelen, terwijl dat uit de dialoog duidelijk zou moeten worden. Zo heeft Elmore Leonard hem dat niet geleerd. Tarrantino is op papier een zeer enthousiaste, maar niet heel geraffineerde of economische verteller. De hoofdpersonages, hun tekortkomingen, de wijze waarop ze daar wel of niet mee omgaan en hun onderlinge dynamiek, maakte de film zo aanstekelijk en uitdieping daarvan is dan ook een interessant idee, hoewel er soms ongerijmdheden opduiken. Rick Daltons drinkprobleem is zelfmedicatie om een ongediagnosticeerde manische depressie draaglijk te maken, zo staat ergens. Dat is interessant. Verderop wordt Daltons drinkgedrag echter afgedaan als gedreven door louter zelfverachting, zelfmedelijden en verveling. In het geval van Cliff Booth heeft de kennismaking iets van een demystificatie, om niet te zeggen een demaque. In de film een charismatische mannetjesputter, blijkt de boek-Booth een sociopaat te zijn die naast zijn voornaamste interesses (wijven neuken en arthousefilms), ook achteloos mensen vermoordt die hem niet aanstaan (waaronder inderdaad zijn vrouw), meedoet aan hondengevechten en ooit een loopbaan als pooier overwoog, maar daarvan afzag toen hij bedacht dat het best wel eens hard werken zou kunnen zijn.
Once Upon a Time in Hollywood bevat het materiaal dat normaal gesproken als deleted scenes en regisseurscommentaar op de dvd of blu-ray verschijnt. Om eerlijk te zijn had ik het ook liever in die vorm gehad. Als boek is het te ruw, te onevenwichtig, blijft het te dicht bij ideetjes die Tarrantino neerkrabbelde in zijn notieboek of insprak in zijn dictafoon, om op zichzelf te kunnen staan. En zoals het dit genre betaamt, is de film beter. Dat dan weer wel.