Lezersrecensie
wat lees ik nou?
Begin 20e eeuw reist een jonge Belgische vrouw met haar kersverse echtgenoot naar Kongo, toen nog een Belgische kolonie. Bepaald ongebruikelijk in die tijd, maar Gabrielle wil per se iets van de wereld zien en laat zich dus niet tegenhouden. Haar man Albert is haar ‘ticket naar de Kongo’ en zij is zijn toegang tot de uitgever die zijn boek moet publiceren. Een berekenende start, maar ze hebben veel te doorstaan samen en dit verhaal is dus ook het verhaal van een bijzonder huwelijk.
Kongokorset geeft een fijne eerste indruk: het ziet er prachtig uit en is mooi geschreven.
Maar wat voor boek heeft de schrijfster nu bedoeld te schrijven? Een gefictionaliseerde biografie? Een losjes op historische figuren gebaseerd roman? Een reisverslag?
Er wordt geen uitleg of verantwoording gegeven over het boek en dat was wel nodig geweest. De schrijfster heeft gebruik gemaakt van ‘historische gegevens’ uit het Afrikamuseum in Tervuren. Het gaat om dagboeken, liefdesbrieven en foto’s, “die zij verrijkt met haar verbeelding”. Een nogal vage aanduiding, die niet duidelijk maakt in hoeverre het een historisch kloppend verhaal is of toch vooral een verzonnen leven. Evenmin is duidelijk wat de woorden van de auteur zijn en wat ooit door de hoofdpersonen geschreven werd in brieven of dagboeken. Er staan veel brieven in het boek, geschreven door Albert, Gabrielle en enkele familieleden. Of zijn dit Leyssens’ teksten? Of wellicht een mengeling van beiden? Je komt er niet achter. Wanneer Gabrielle in haar brieven schrijft dat de zwarten niet proper zijn en stinken, zich erover verbaast dat iemand die zij bij de voornaam noemt haar ook tutoyeert of een zwarte collega vergelijkt met een aap, citeert Leyssens dan uit brieven van een 19e-eeuwse koloniste, of zijn dit haar eigen verzinsels? Ook buiten de briefteksten om grossiert het boek in dit soort uitspraken (“de stank van de kadavers van inboorlingen” “een neger is fundamenteel lui”). Is dit hoe Gabrielle Deman dacht en voelde, of is dit hoe de schrijfster dénkt dat Gabrielle was? Dit geldt voor allerlei gebeurtenissen, gedachten en gevoelens in het boek. Verzonnen of historisch is in dit geval een relevant verschil. Het boek gaat over personen die echt bestaan hebben en die met naam en foto genoemd worden. Dan hoort duidelijk te zijn wat echt is en wat niet, en in hoeverre het - niet al te positieve - beeld dat van hen geschetst wordt, overeenstemt met hoe zij werkelijk waren. Leyssens beschrijft verschillende intieme, bepaald niet flatteuze episodes uit het leven van deze mensen waarvan ze duidelijk zou moeten maken dat ze aan haar verbeelding ontsproten zijn, óf met duidelijke bronvermelding aannemelijk zou moeten maken dat ze waar zijn.
Een beetje googlen leert dat in ieder geval enkele van de centrale gebeurtenissen het boek niet in werkelijkheid plaatsgevonden hebben. Gabrielle was nooit in Engeland en ook het verblijf in villa Claudine kan niet zo plaatsgevonden hebben. Fictie dus? Maar als je dan toch fictie schrijft, geef je hoofdpersoon dan iets van diepgang of ontwikkeling mee. Schrijf dan een spanningsboog in je verhaal, ga niet zomaar voorbij aan belangrijke historische thema’s, maar gebruik ze om je verhaal echt boeiend te maken of de lezer te verbazen of aan het denken te zetten. Nu lees ik een ‘en-toen-en-toen-en-toen-verhaal’. Wat prima is voor een historisch reisverslag, maar niet voor een roman. Net als het vele name-dropping in de eerste helft: leuk en boeiend in een biografie, maar vreemd en irritant in fictie.
Kongokorset is mooi geschreven en roept mooie beelden op. Maar door de merkwaardige, niet te ontwarren mengeling van feit en fictie, vraag je je voortdurend af wat je nu zit te lezen. Daarmee schiet het boek op beide fronten tekort en levert het, ondanks alle bijzondere voorvallen en de levendige schrijfstijl, geen bevredigende leeservaring op.