Lezersrecensie

Een roman vol vervreemdende poezie


Nico van der Sijde Nico van der Sijde
14 mrt 2016

Een volkomen ongrijpbare roman, opgehemeld en bejubeld door niemand minder dan Franzen en Auster, maar door veel anderen juist niet. Zelf had ik een tijd lang geen idee wat ik las, en eigenlijk heb ik dat nog steeds niet. Maar naarmate het boek vorderde begon ik het wel steeds mooier te vinden. Veel mensen zullen het saai vinden, te afstandelijk, te abstract, en eigenlijk vond ik dat zelf eerst ook. Geleidelijk aan echter begon juist die abstractheid en afstandelijkheid mij juist erg te bevallen.

Hoofdpersoon is Adam Gordon, jeugdig dichter die op basis van een fellowship-subsidie een tijdje in Madrid verblijft. Een totale outsider: hij noemt zichzelf 'fraudulent', poseert zijn emoties omdat hij niet weet wat hij werkelijk voelt, poseert soms zelfs ALS poseur, drukt zich uit in een taal die niet de zijne is en begrijpt ook niet wat anderen tegen hem zeggen, en bovendien slikt hij de wereld aan tranquilizers in combinatie met flink wat drank en hash. Het is alsof er steeds een scherm zit tussen hemzelf en de wereld, en tussen hemzelf en hemzelf. Hij voelt zich een personage in een vervreemdende film van Antonioni, een film die hij niet eens heeft gezien. Hij zegt ontnuchterende dingen tegen zichzelf als: "I have never been here, I said to myself. You have never seen me". Waarbij hij zichzelf dus als een 'jij' aanspreekt die de 'ik' nooit heeft gezien. En bij alles wat hij zegt en doet heeft hij het gevoel een toeschouwer te zijn van zichzelf, die zich verbaast en soms schaamt over wat hij ziet. Enorm veel vervreemding en distantie dus, die vaak via onnavolgbaar cerebrale zinnen wordt verwoord.

Toch begon ik, hoe gek dat ook klinkt, op een gegeven moment erg meer te leven met Adam Gordon. Ten eerste omdat zijn distantie t.o.v. zichzelf en de wereld weliswaar bovengemiddeld groot is, maar toch niet onherkenbaar: als adolescent had ik dat elke dag, en tsja, bij tijd en wijle heb ik het nog. Bovendien kun je er ook een tijdsbeeld in zien. Adam maakt de aanslag van Al Qaida in Madrid mee, met '9/11' nog in het hoofd: best mogelijk dat hij model staat voor een wereld die sinds '9/11' vol onzekerheid en vervreemding is. Die vervreemding is tegelijk ook typisch voor het postmoderne levensgevoel: alle taal is een inadequate 'vertaling' van de werkelijkheid, er bestaat niet zoiets als 'waarheid' of authenticiteit, en alles wat we menen te denken en te zien is EIGENLIJK virtueel.

Maar het meest intrigerend en spannend vind ik nog dat dit boek, in mijn beleving althans, de worstelingen, paradoxen en raadselachtig ijle perspectieven voelbaar maken die horen bij een bepaald soort poezie. Adam Gordon is dichter, en fan van de dichter John Ashbery. Dat is een wel heel ongrijpbare dichter: Bernlef heeft Ashbery’s werk mooi beschreven als een "hardop denken", een "naar alle kanten uitwaaierende stroom associaties en woordverbindingen" en "een soort lucide verstrooidheid die nog door geen enkele denkrichting wordt gestuurd". Poezie als een soort denken nog voordat het vaste vorm gekregen heeft, of als een soort mijmering die geen vaste vorm WIL: het zijn gedichten die tasten naar iets wat niet te verwoorden valt, dat aan de taal onstnapt, dat verborgen blijft. En daardoor geven Ashbery's gedichten de lezer geen gevoel van helderheid of inzicht, maar juist de sensatie dat "iets" prachtigs wordt opgeroepen maar tegelijk aan je greep ontsnapt. Zo althans voel ik het, als ik Ashbery lees. En zo ziet Adam Gordon het kennelijk ook. Want Gordon (en Lerner met hem) zegt: "Asbery's poems allow you to attend to your attention, to experience your experience, thereby enabling a strange kind of presence. But it is a presence that keeps the virtual possibilities of poetry intact because the true poem remains beyond you, inscribed in the far side of the mirror: 'You have it but you don't have it./ You miss it, it misses you./ You miss each other'".

Dat soort vervreemding nu, en dat gevoel van dat iets je ontsnapt, is veel minder negatief dan het lijkt. Het is namelijk niet alleen de uiting van het gevoel dat je de wereld niet begrijpt, maar ook van het gevoel dat er een wereld van nog niet gearticuleerde of gerealiseerde betekenissen bestaat aan gene zijde van onze horizon. Een wereld die juist zo intrigerend is en raadselachtig rijk OMDAT we hem niet snappen. Zeker, Adam Gordon is zonder meer een gekwelde figuur vol angsten, veel van wat hij zegt is nogal nihilistisch, en de afstand die hij tot zichzelf en de wereld voelt stemt hem niet bepaald vrolijk. Bovendien is hij een nogal zwevende figuur die geen keuzes wil maken, en dat ruikt naar vrijblijvendheid. Maar tegelijk is hij ook een dichter die houdt van de openheid van de dichtkunst. Vooral in de tweede helft van dit boek is het proza van Lerner bovendien enorm open, ongrijpbaar, en daardoor net zo open en rijk als de gedichten van Ahsbery. En daarom heb ik vooral die tweede helft met veel plezier gelezen, juist omdat ik niet begreep wat ik las.

Reacties

Meer recensies van Nico van der Sijde

Boeken van dezelfde auteur