Lezersrecensie
De grens van de literatuur (Wij zijn licht, Gerda Blees)
Van mij had Gerda Blees met haar roman Wij zijn licht de Libris literatuurprijs 2021 mogen winnen. Het bijzondere is niet de inhoud van het verhaal – een spirituele woongroep met mensen die denken te kunnen leven van licht en liefde wordt opgepakt nadat een van de leden zonder hun ingrijpen is overleden aan ondervoeding – maar de manier waarop het verhaal wordt verteld. In korte hoofdstukken wordt telkens een bijzonder perspectief ingenomen om de achtergrond van de toedracht te schetsen, variërend van personen – de raadsvrouw, de buren – tot en met dingen – het dagelijks brood, het dode lichaam – en van gemoedstoestanden – twijfel, weerstand – tot en met meta-onderwerpen zoals het verhaal zelf. Telkens wordt op overtuigende manier een nieuw perspectief ingenomen, zoals het dagelijks brood dat ervan baalt dat het tegenwoordig met de nek wordt aangekeken terwijl men vroeger omwille van haar in opstand kwam, of de politiepen die vertelt het meest directe medium tussen mens en tekst te zijn, waaraan je niet alleen kunt aflezen wat geschreven is maar ook hoe de schrijver geschreven heeft (haastig, zelfverzekerd, slordig). Daarmee schetst het verhaal een animistisch universum waarin niet alleen mensen maar ook dingen en gebeurtenissen intenties hebben.
Mij stoort eigenlijk niet het antropomorfisme dat Blees aan de dag legt, hoewel het spreken namens de dingen van Francis Ponge in dat opzicht te prefereren valt. Het probleem is een beetje dat ze een wezenlijk kenmerk van de dingen over het hoofd ziet als ze onze intentionele relatie tot de slowjucer of de geitenwollen sokken die we zoeken op koude dagen projecteert op de dingen. Natuurlijk, de mens is intentioneel betrokken op een betekenisvolle wereld waarin de sokken thuis zijn, alleen in die wereld kunnen ze kwijt of kapot zijn bijvoorbeeld, maar die relatie is niet wederkerig. De dingen blijven halstarrig en die eigengereidheid van de dingen voorbij hun plaats in onze wereld mist het verhaal doordat ze alleen maar besproken worden voor zover ze betrokken zijn op de hoofdpersonen en daarmee thuis zijn in die wereld. Dit valt Blees natuurlijk niet te verwijten maar indiceert eerder de grens van de literatuur, die zich moet houden aan het domein van het intentioneel gegevene. (meer blogs over literatuur en filosofie: https://vincentblok.wordpress.com/)