Lezersrecensie
Een práchtige novelle!
Timo Vinck verwacht het telefoontje waarin hij hoort dat hij geslaagd is voor zijn vwo-examen (of niet). Hij wil biotechniek gaan studeren, al speelt er enige twijfel: kan hij zijn moeder wel alleen achterlaten? Zo lang heeft zij voor hem gezorgd. Daarnaast draagt zij de last van Timo’s twee jaar oudere broer Ruben, die vijf jaar geleden is verongelukt. En zijn vader is naar Norrköping in Noorwegen gevlucht waar hij onderhoud pleegt aan windmolens op zee.
“Liever windmolens onderhouden op zee, dan moeten luisteren naar dat gekrijs en gebonk tot diep in de nacht.”
De dood van Ruben, zijn zoon waarvoor hij zich schaamde, was een bevrijding voor hem geweest. Na de begrafenis van Ruben hebben moeder en zoon (“ons clowntje”) nauwelijks meer iets van hem vernomen. Moet hij haar dan ook verlaten?
“… straks was ze alleen met de muren, meubels en gordijnen, om ’s avonds de achterdeur op slot te draaien en met herinneringen naar boven te gaan.”
Timo mist “gekke, mislukte Ruben”. Hij voelt zich schuldig. Als een pastoor dan ook nog eens zijn gevoeligste snaar raakt, versterkt dit Timo’s dubbelzinnige gevoelens inzake zijn toekomst. Totdat hij ‘de hooier’ ontmoet, de boer die hij vanuit het diepst van zijn ziel haat vanwege de klap die de man Ruben heeft gegeven vlak voor diens dood.
In De hooier toont Van de Coevering zich een meester in de verbeelding van handelingen van zijn personages. De wijze waarop hij Ruben beschrijft of diens vriendin Anne; je ziet het helemaal voor je en denkt ‘verrek ja, zo handelen dergelijke mensen vaak’. Dit klinkt generaliserend, maar als je het boek leest, zul je deze duiding herkennen. Prachtig sober weet hij de worstelingen van zijn personages aan te bieden, dialogen die bijna natuurlijker zijn dan die in het echt.
“‘Het begon in d’r darmen, kreeg ze zo’n stoma. Alleen de schaamte al! En toen in haar lever. En op ’t laatst in haar bloed en nu is ze weg. Pas als iemand gaat, zie je hoe sterk het leven is. Toch een worsteling om naar de overkant te gaan, hoe ziek of vermoeid ze ook zijn, het leven wil d’r in blijven!’”
De hooier is een dun boekje, eigenlijk niet meer dan een novelle, maar wát voor een. Chapeau, meneer Van de Coevering!