Lezersrecensie

Die ouwe Popper


Janka-1947 Janka-1947
25 mrt 2026

Popper, Karl L.
De groei van kennis; hoofdstukken uit Conjectures and Refutations: The Growth of Scientific Knowledge.- vertaling van Zeno Swijtink.- derde druk.- Met een voorwoord van de auteur.- Amsterdam: Boom.- 253 pagina’s,.
Oorspronkelijke uitgave: Routledge and KeeganPaul, London, 1963.

Popper begint het voorwoord met te schrijven dat de verschillende hoofdstukken, ook uit de oorspronkelijke Engelse uitgave, eerder afzonderlijk verschenen. Deze uitgave is dus sterk ingekort. Popper’s hoofdargumentatie op zijn gebied, de wetenschapsfilosofie, betreft de stelling dat voor goede wetenschap het nodig is tegenbewijzen/onderbouwingen te vinden om een stelling al dan niet te ontkrachten. Het zoeken van instemmende waarnemingen zou van minder waarde zijn.
Ik had gedacht dat Popper heel droog en saai zou schrijven. Dat viel alleszins mee. En dat hij begint met te zeggen dat mensen maar beperkte zintuigen bezitten om de wereld waar te nemen, dat nam me voor hem in, in weerwil van zijn reputatie als dogmatisch denker. Dat de waarnemingsscherpte inmiddels sterk is toegenomen middels de techniek laat ik hier buiten beschouwing, alsmede het feit dat de dataverwerking anno nu de wetenschappelijke mogelijkheden tot snel onderzoek sterk heeft uitgebreid.
Popper richt in deze teksten zijn pijlen niet alleen op de verificationisten (hij rekende zichzelf tot de falsificationisten), maar ook op de sociale wetenschappen en het historicisme en historisch materialisme. In de zin dat de (betrekkelijke) waarheids- claims van beide richtingen geen aanspraak kunnen maken op voorspellende inzichten wijst hij die claims af. Zijn wetenschaps opvatting berust op drie pijlers, die van 1.eenvoud in de nieuwe theorie, die door 2. onafhankelijke testbaarheid dmv experimenten en 3. ook testbaar zijn op de lange duur en standhouden.
Popper grijpt regelmatig het werk van filosofische ‚markers’ als Kant(dialectiek) en Hume (psychologie) aan om zijn eigen gelijk aan te tonen. Dat mag natuurlijk, maar daarmee is niet gezegd dat Poppers gedachten over waarheidsvinding nu nog een even grote impact hebben. Ik denk vooral dat we Popper in zijn eigen tijd moeten plaatsen, een tijd waarin de Wiener Kreis het Logisch Positivisme aanhing en in hun kielzog zeker ook de vroege Wittgenstein. Maar aan de andere kant waren er in Duitsland ook denkers als Husserl en Heidegger, die met het, wat toen het continentale denken werd genoemd, andere ingangen tot de werkelijkheid zochten. Sedertdien zijn beide denkrichtingen weer meer vermengd en uitgebreid, zeker voor wat betreft de geglobaliseerde vorm die wetenschap nu heeft aangenomen, waar die in P’s tijd nogal gebonden was aan bepaalde geografische plekken, hoogleraren en universiteiten.
Kortom, scherp denker en begenadigd schrijver, die Popper, ook over andere onderwerpen dan de ontwikkeling van de wetenschappelijke methode, neem The open society and its dangers. Natuurlijk heeft hij er gelijk in dat je, wetenschappelijk gezien, voor een sluitend bewijs voor een stelling naar een tegenstelling moet zoeken. Maar van doorslaggevend belang voor het filosofisch denken, nu en in de toekomst? Daarover durf ik geen voorspellende uitspraken te doen.. Ach, en veel daarvan is ook afhankelijk van de mythes die de ronde gaan doen over bepaalde personen. Heel andere mechanismen dan louter logische, dus.

Reacties

Meer recensies van Janka-1947

Boeken van dezelfde auteur