Lezersrecensie
Rouwarbeid
Leader, Darian
Het nieuwe zwart; rouw, melancholie en depressie.- vert. door René de Weijer en Stanneke Wagenaar.- Amsterdam: de Bezige Bij, 2011.- 253 p.
Dit boek heeft veel positieve aandacht gehad in de pers. Auteur is een filosofisch geschoolde psychoanalyticus die een speciale studie maakt van vormen van rouw, in het onderscheid met melancholie. Wat voor depressie wordt aangezien zijn in Leaders optiek vaak vormen van rouw of melancholie. Hij baseert zich op uitspraken van Freud, maar ook van diens volgelingen Melanie Klein en Karl Abraham, die veranderingen aanbrachten in het denken over rouw en melancholie. Ook gebruikt Leader het werk van vooral hedendaagse beeldend kunstenaars om zijn punten te verduidelijken. Die punten zijn dat rouwarbeid pas kan beginnen wanneer er derden zijn die erkennen dat er iets vreselijks is gebeurd/er een groot verlies is geleden. Dat kan ook erkenning dmv literatuur en kunst zijn, al zal de rouwende wel zijn eigen manier moeten vinden om zich te uiten. Leader noemt veel hedendaagse kunstwerken om zijn ideeën te verduidelijken. Sophie Calle met haar kunstwerk Exquisite Pain, de film Brokeback Mountain van Ang Lee. Sophie Calle legt een verzameling aan van commentaren door derden op wat haar is aangedaan door haar minnaar. Ze belicht de pijn van haar verlies van alle kanten om tot loutering te komen. Ang Lee laat na het overlijden van de geheime geliefde de overgebleven vriend zijn eigen oude overhemd met bloedspatten vinden dat in een soort eenwording met het houthakkershemd van zijn vriend op een kleerhanger verenigd is. De beeltenis (effigie) van hun liefde mag zo bestaan (zoals het in werkelijkheid niet was of kon zijn).
Hij ziet het rouwen dan ook als een activiteit, als arbeid en keert zich af van de gangbare mening over de stadia van rouw waarin mensen achtereenvolgens komen te verkeren alvorens de rouw te kunnen afsluiten. Leader beseft dat sommige vormen van rouw niet afgesloten kunnen worden, maar dat in een creatieve verwerking ervan, in kunst of gewoon door praten en nadenken, er een eigen taal ontwikkeld kan worden voor de vormgeving van het verlies.
Melancholie zoals die zich bij mensen voordoet is een overtuigd zijn van de nietswaardigheid van het zelf. Een uitzichtloos lijden van het subject, dat zich verantwoordelijk acht voor de dood van zijn geliefden. Voor de melancholicus, die zich vereenzelvigt met de altijd aanwezige leegte die is achtergebleven na de dood van de geliefde, staat evenwel ook de route open van het creatieve verwerken. Dit ofschoon de melancholicus zich aldoor verbindt met de overleden geliefde, in het verdriet is hij bij de overledene, laat hij hem niet los, want dat zou verraad zijn.
Leader maakt het onderscheid tussen rouw en melancholie nog duidelijker door voorbeelden uit de logica. In de logica kan men een ontkenningsteken (-) plaatsen bij een bepaalde term (-(de man)) tegenover de manier waarop een negatieve term zelf kan worden benadrukt ((-de man)). In het eerste geval dat bekendstaat als predikaat ontkenning wordt het ontkennings teken buiten de term geplaatst. In het tweede geval, bekend als term ontkenning, is de ontkenning opgenomen binnen de term zelf. Briljant onderscheid dat misschien precies het verschil tussen rouw en melancholie uitdrukt. Bij rouw erkent men de afwezigheid en het verlies. Bij melancholie bevestigt men het verlies. In de logica zijn predikaat ontkenning en term ontkenning principieel onverenigbaar. Leader oppert dat het eerder de poëzie dan de logica zal zijn die de melancholicus zal verlossen.
Concluderend stelt Leader dat cognitieve therapie bij wat depressie genoemd wordt, maar eigenlijk rouw of melancholie is, is gericht op acceptatie van de situatie zoals die is. Daardoor biedt cognitieve therapie te weinig mogelijkheden tot toegang tot het eigen onbewuste en is er meer nodig om een adequate rouwarbeid op gang te brengen.