Lezersrecensie

Taaie en moeilijk te doorgronden roman


Kees van Duyn Kees van Duyn Hebban Team
10 mrt 2026

De onopgeloste moord op de Amerikaanse wiskundige, filosoof en taalkundige Richard Montague, maar vooral diens leven en werk, inspireerde Aifric Campbell tot het schrijven van haar debuut De logica van het moorden, dat in 2009 in een Nederlandse vertaling werd uitgebracht. Voordat ze aan de roman begon, verrichtte ze uitgebreid onderzoek en over het schrijven van het boek heeft ze, omdat ze tegelijkertijd ook nog met een promotieonderzoek bezig was, uiteindelijk drie jaar gedaan.

Hierin gaat het om de in Londen woonachtige Amerikaanse psychoanalyticus en succesvol schrijver Jay Hamilton, maar in feite ook om zijn in 1971 vermoorde en achttien jaar oudere broer Robert en tevens een briljant semanticus was. Een biografe uit de Verenigde Staten heeft het plan opgevat om een biografie over de oudste broer te schrijven en daarmee dreigt de ware toedracht van zijn dood boven water te komen. Als dit bekend wordt, kan de status van Jay een behoorlijke deuk oplopen en hier zit hij uiteraard niet op te wachten.

Misschien is het maar goed ook dat de roman niet al te dik is, want als lezer moet je er niet aan denken om er nog veel langer dan nodig mee opgescheept te zitten. Oké, het tweede deel is nog wel enigszins te doen, maar het eerste is een heuse worsteling en je moet er alles voor over hebben om hier doorheen te komen. Dit gedeelte bestaat bijna volledig uit een ellenlang aanvoelende uiteenzetting van de gedachten van protagonist Jay Hamilton. Hierin neemt hij je terug naar het verleden en wijdt hij voornamelijk uit over zijn oudere broer Robert, maar maakt hij je eveneens deelgenoot van flink wat psychoanalytisch gebazel. Op zich kunnen beide interessant zijn, maar de manier waarop een en ander gebracht wordt, is ronduit saai en taai, een enkele uitzondering daargelaten.

Wat het ook nog eens moeilijk maakt, is het grotendeels ontbreken van aansprekende dialogen en als ze er al zijn, is het snel weer afgelopen met de pret. Een ander nadeel is de schrijfstijl van de auteur, want ze maakt gebruik van oneindig lijkende zinnen en onbegrijpelijke woorden, die afwisselend wel en niet worden verklaard. Om eerlijk te zijn ziet de lezer door de bomen het bos niet meer en kun je geen enkele logische verhaallijn ontdekken. Dat het ook anders kan, bewijst Campbell in het slotdeel. Hierin kun je – althans gedeeltelijk – een structuur ontdekken. Dit komt vooral omdat er eindelijk iets gebeurt dat de moeite waard is, er gesprekken worden gehouden en de manier van schrijven een heel stuk natuurlijker is. De auteur creëert dan zelfs een klein beetje spanning door een paar thrillerelementen aan het verhaal toe te voegen.

Omdat Jay tamelijk veel over hemzelf en zijn broer en hun vroegere omstandigheden vertelt, krijg je een vrij goede indruk van beiden, maar in feite ook van hun moeder. Het is echter lastig je met hen te identificeren, want het charisma dat ze hadden kunnen hebben ontbreekt volledig. Wat de auteur wel weet te bereiken, is dat de lezer de sfeer van het begin van de jaren zeventig van de vorige eeuw (en soms van nog iets eerder) goed overbrengt. Een van de thema’s die in het boek naar voren wordt gebracht, is homoseksualiteit en dat werd destijds, met name in Amerika, bij lange na niet geaccepteerd. Hoe men daar toen tegen aankeek komt uit sommige fragmenten tot uiting, evenals hoe de homo’s er zelf mee omgingen.

De logica van het moorden, dat een appendix (in feite een heel kort derde deel) heeft die niet zo heel veel toevoegt, is over het geheel genomen een moeilijk te doorgronden boek, waarin de snelheid ver te zoeken is en waarvoor de lezer over een flinke dosis doorzettingsvermogen moet beschikken.

Reacties

Meer recensies van Kees van Duyn

Boeken van dezelfde auteur