Advertentie
    Kees van Duyn Hebban Recensent

Voordat Peter Carey aan zijn literaire carrière begon, was hij copywriter voor enkele reclamebureaus. Hierdoor kwam hij in contact met enkele auteurs en door hen kwam hij in aanraking met Europese en Amerikaanse fictie. Hij besloot om ook te gaan schrijven en na enkele afwijzingen werd een aantal van zijn korte verhalen gepubliceerd. In 1981 debuteerde hij met de roman Bliss, waarmee hij al meteen enkele prijzen won en het begin betekende van zijn succes. In 2018 verscheen Ver van huis, een roman waarin het kolonialisme in Australië aan de kaak wordt gesteld.

Om haar overheersende schoonvader te ontvluchten, verhuizen Irene Bobs en haar man Titch naar het plattelandsstadje Bacchus Marsh, waar ze een handel in tweedehands auto’s willen beginnen. Op een dag besluiten ze om deel te gaan nemen aan de Redex Trial, een zware autorally dwars door Australië. Ze halen hun buurman Willie Bachhuber over om als navigator met hen mee te gaan, vooral omdat hij een goed kaartlezer is. Ze zijn ervan overtuigd de rally te winnen, zich daarbij niet realiserend dat dit ook zijn prijs heeft.

Ver van huis wordt verteld vanuit twee perspectieven, dat van Irene Bobs en Willie Bachhuber. Wat daarbij opvallend is, is dat dit voor beiden in de ik-vorm gebeurt en dat wil nog wel eens voor wat verwarring zorgen. Het is dan namelijk niet meteen duidelijk wie er aan het woord is. Omdat het laatste hoofdstuk door de ogen van weer een ander wordt verteld, zorgt ook dit aanvankelijk voor wat onduidelijkheid. Wat dit betreft zou de auteur er goed aan hebben gedaan om voor aanvang van de hoofdstukken waarin van perspectief wordt gewisseld aan te geven wie er op dat moment aan het woord is. Een andere mogelijk was het gebruiken van in ieder geval één andere persoonsvorm.

Het verhaal zelf zorgt ook nog wel eens voor vraagtekens, de lezer vraagt zich dan af waar Carey precies naartoe wil, wat het doel van het verhaal is. Het is echter niet zo dat het ingewikkeld is, dat het volkomen structuurloos is. Die is er in beginsel wel, maar komt gewoon niet altijd uit de verf. Wat Ver van huis wel doet, is boeien. Vanaf het begin is de lezer erbij betrokken. Dat komt vooral door de bijzondere omstandigheden, de markante en meest uiteenlopende personages en niet te vergeten het stukje Aboriginal-geschiedenis en hun gebruiken. Wat daarbij vooral in het oog springt, is dat het racisme, het verhaal speelt zich af in 1954, in Australië in die tijd hoogtij viert.

"Mijn grote boodschap was niet meer dan een kort berichtje."

Humor. Dat is iets dat door de auteur regelmatig gebezigd wordt. In tekst, in situaties en in een aantal erg spitse dialogen. Hoewel het vast en zeker niet zijn bedoeling is geweest, doet het verhaal zo nu en dan wel eens denken aan een klucht. Dit houdt overigens niet in dat de echte essentie ondergesneeuwd raakt, verre van zelfs. In het laatste van de vijf delen van het boek wordt hier de nadruk op gelegd, wanneer Bachhuber, zonder dat hij er naar op zoek is, zijn ware afkomst achterhaalt.

Zonder de anderen te kort te doen, zijn Irene en Willie de krachtigste personages in het boek, zij dragen het verhaal en het is dus ook niet zo heel erg vreemd dat de auteur het door hun ogen vertelt. Dit gebeurt op een erg beeldende manier, de lezer kan zich hen, maar ook alle omstandigheden, heel goed inbeelden. Het is daarom des te spijtiger dat de structuur van het verhaal wel eens ingewikkeld overkomt. Dit alles maakt dat Ver van huis een roman met twee gezichten is.

Reacties op: Verhaal met twee gezichten

7
Ver van huis - Peter Carey
Jouw boekenplank Jouw waardering
Jouw recensie   Schrijf een recensie
? Onze partners