Lezersrecensie
Realistische roman met beladen thema's
De vermissing van vijf huishoudelijke hulpen en twee kinderen op Cyprus en het feit dat vervolgens niemand naar hen op zoek ging omdat ze buitenlanders waren, inspireerde Christy Lefteri tot het schrijven van haar vierde roman Zangvogels (2023). Een andere reden om dit boek te schrijven was de volgende vraag die haar vaak gesteld werd: ‘Hoe kunnen we mensen laten begrijpen dat vluchtelingen niet hetzelfde zijn als migranten, dat ze geen keuze hebben?’ Dit zette haar aan het denken, waarna ze onderzoek verrichtte en uiteindelijk besloot om over deze groep mensen te schrijven.
In dit geval betreft het de Sri Lankaanse Nisha, die, omdat ze haar nog in haar geboorteland verblijvende dochter een goede toekomst wil geven, als hulp in de huishouding op Cyprus werkt. Als opeens blijkt dat ze spoorloos is verdwenen, gaat haar werkgeefster Petra naar de politie, maar die weigert een onderzoek in te stellen. Petra besluit daarom maar om zelf naar haar hulp op zoek te gaan en krijgt daarbij hulp van Yiannis, een stroper met wie Nisha een relatie onderhoudt. Beiden komen er vervolgens achter dat ze in feite niet zo heel veel van de vrouw uit Sri Lanka afweten.
Het verhaal wordt in elkaar afwisselende perspectieven verteld door Yiannis en Petra en daardoor krijgt de lezer een behoorlijk goede indruk van beiden en leert hij hen tamelijk goed kennen. Op de houding en/of het doen en laten van dit tweetal is wel iets aan te merken – niemand is immers perfect – maar gaandeweg de plot en naarmate de lezer meer over hen te weten komt, zie je hen veranderen en is het eigenlijk onmogelijk om geen sympathie voor hen op te brengen. Door de verandering die ze ondergaan, maar ook omdat er meer achtergrondinformatie over hen gegeven wordt en je daarom begrijpt waarom ze aanvankelijk zo zijn, groeien ze als personage. Over de andere personen, met name Nisha, wordt eveneens genoeg bekendgemaakt. Kortom, iedereen is meer dan voldoende uitgewerkt zodat geen van allen als oppervlakkigheid kan worden beschouwd.
De belangrijkste thema’s in de roman zijn de arbeidsmigratie van veelal jonge vrouwen en het vaak daarmee samengaande racisme dat ten opzichte van hen, maar in zekere zin de buitenlanders in het algemeen, bestaat. Veel werkgevers, maar ook de alleen maar op geld beluste bemiddelingsbureaus, lijken zich het lot van de vrouwen niet aan te trekken en behandelen hen op een manier die min of meer aan slavernij en uitbuiting doen denken. Deze misstanden komen overduidelijk naar voren en er lijkt bijna niemand te zijn die hier iets aan doet. Lefteri brengt hun soms schrijnende situatie waarheidsgetrouw en goed in beeld. Aan de andere kant laat ze niet onbenoemd dat het vaak ook wel goed gaat en dat de vrouwen een prima leven hebben. Een ander onderwerp waar de auteur ruim aandacht aan besteedt, is het stropen van trekvogels, een illegale activiteit op Cyprus die jaarlijks honderdduizenden vogels het leven kost.
Een van de meest opvallende kenmerken van het verhaal is de sfeer die het uitstraalt. Er zijn vanzelfsprekend verschillende omstandigheden die ieder een eigen karakter hebben, maar Lefteri gebruikt voor elk daarvan de juiste toon. Bijvoorbeeld gevoelig wanneer de situatie daarom vraagt, onbehouwen als het zó moet zijn en aangrijpend op momenten dat dát van toepassing is. Door de opbouw van de plot en enkele gebeurtenissen die zich voordoen creëert ze zelfs een geheimzinnigheid en spanning die in thrillers niet zou misstaan. Mede omdat de roman geïnspireerd is op waargebeurde feiten komt alles bijzonder realistisch over en daardoor heb je niet continu de indruk dat de geschetste taferelen op zich fictief zijn.
Hoewel de thematiek niet de luchtigste is, is het boek absoluut geen zware bevalling. Dit komt mede door de schrijfstijl van de auteur, die zeer toegankelijk, vlot en beeldend is. Zangvogels laat echter wel zien dat veel dingen die voor gewoon worden aangenomen dat bij lange na niet altijd zijn.