Lezersrecensie

Er valt niets te repareren.


wemkok wemkok
13 mrt 2023

Het is duidelijk dat Javier Marias in ‘Zo begint het slechte’ (2014) geen haast heeft. Marias is 63 als het boek uitkomt en dat merk je, aan de opmerkingen over het verstrijken van de tijd, de maan die het allemaal gapend aanschouwt, en de relativeringen over de jeugd waarin hij zelf ooit verkeerde.

Het thema wat Marias hier uitwerkt is dat van schuld en gerechtigheid, tussen personen, en dat in relatie met de Spaanse problematiek rond Franco waarbij lange tijd de schuldvraag niet mogelijk was. Het is uiteindelijk zelfs de schrijver die geen oordeel heeft, hij lijkt te zeggen: dat wat slecht begint zal niet door gerechtigheid beter worden.

Met een dubbel tijdsperspectief van dit boek maakt de auteur het zich niet gemakkelijk, de verteller Juan de Vere is in actie als hij 23 jaar is, maar de verteller is een 51 jarige man die zich dit allemaal moet herinneren en die blijkbaar ook niets wil prijsgeven van de essentie van het verhaal tot het einde, alles moet van stap naar stap voortgeleid worden.
Daarom is dat ongemakkelijke begin merkwaardig, waarin de verteller en ik-figuur Juan - die als een soort secretaris komt werken voor de filmregisseur Eduardo Muriel- zich afvraagt wat er nu toch aan de hand is in het huwelijk van Eduardo met zijn ega Beatriz Noguera, want de verteller die ouder is als hij het opschrijft weet het al en zou zich in feite niet zo hoeven interesseren en geheimzinnig doen, maar hij geeft niets prijs tot aan het eind. Op een of andere manier werkt het toch, die dubbele ik en tijd, mogelijk omdat de 23 jarige ik persoon daarmee iets serieuzer wordt genomen of omdat de 51 jarige op die manier wordt vergeven wat hij zelf allemaal uitspookte in zijn jeugd omdat het zijn jeugd was, of omdat we als lezer toch een positie accepteren van dan weer de jongere en dan weer de oudere verteller.
Complex, net als zien hoe de verteller als jongeman naar vrouwen kijkt, dat is volstrekt eenzijdig, ergens worden drie pagina’s gewijd aan de triomf van de daad met alleen de man in gedachten. Hij is dan 23, is het mogelijke antwoord, de 51 jarige kijkt ernaar alsof hij het niet kan veranderen, en het dus maar accepteert. Aan het eind is de oudere verteller zelfs mild over zichzelf, eerlijk is niet het woord - wel naar de lezer die het nu weet- want hij besloot en besluit ook als oudere om niet alles te vertellen aan zijn ega. Zie ook de opdracht van de schrijver aan zijn ega aan het begin van het boek, als een reflectie van de schrijver op het boek. Zo is (ook) de schrijver zelf niet in staat iets te veranderen aan zichzelf.

Michel Krielaars van de NRC schreef dat de roman de naweeen van de Spaanse Burgeroorlog betrekt en dat het over wraak en vergiffenis gaat (NRC 12 sept 2022). Dat laatste zal zo lijken na enige tijd omdat dat het zou zijn wat je wil, maar in dit boek is er wel persoonlijke schuld maar geen wraak en ook geen vergiffenis.

Als er iets slecht is in het begin, zou het daarmee moeten stoppen, want er volgt alleen nog maar meer slechts, betekent de titel zoals halverwege het boek wordt uitgelegd (Uit Shakespeare’s Hamlet, die tegen zijn moeder Gertrude zegt, als aankondiging van wat hij van plan is te gaan doen: I must be cruel only to be kind; Thus bad begins, and worse remains behind. Het boek heeft verder niets te maken met Hamlet). De schrijver Marias gaat eigenlijk nog verder: dan valt er ook niet te repareren. Aanvankelijk gaat het over een gerucht, een gerucht dat iets slechts zegt van een mens, in dit geval de familie vriend en kinderarts Jorge van Vechten. Daarom is ‘het gerucht’ (Shakespeareaans opnieuw, met de ook in het echt bestaande professor Francisco Rico die Henry IV declameert en het gerucht wat dan van het oosten naar het kromme westen gaat) in het begin een thema te noemen, en hoe je daar een persoon mee kan benadelen. Dat was ook de parallel met de tussen de teksten doorlopende reflectie op de periode na dictator Franco, 5 jaar daarvoor overleden; het verhaal speelt in 1980. In die periode van de Transicion is er alleen nog maar gerucht en is de afspraak dat er niet vervolgd zal worden voor misdaden begaan tijdens de Franco periode.
Later in het boek wordt het thema toch meer het Bijbelse Adultera, voorbij het gerucht, nog steeds betreft het de kinderarts van Vechten, en wordt het een schuld vraag en of daar wat mee gedaan moet worden: de vraag wordt voornamelijk bij de ik persoon gelegd, die het moet onderzoeken, maar het is de oudere Muriel die deze schuldvraag weer verbiedt. Omdat het te dicht bij zijn eigen leven en huwelijk met Beatriz komt. Wederom wordt de parallel met de periode Franco getrokken; men wil er niets van weten, van schuld. Ook de auteur als oudere verteller deelt overigens die opvatting, het heeft geen zin want de halve bevolking deed er aan mee en wie kan je dan nog groeten.

De polemiek tussen Juan de Vere en Eduardo Muriel aan het einde, over het iemand iets persoonlijk aandoen, is wel interessant gedacht. Het is ook een welkome afsluiting omdat het de parallel van het verhaal met de politieke situatie maakt maar onbedoeld ook weer uit elkaar haalt. Als een heel volk iets aangedaan wordt, dan kan er volgens Muriel geen onbaatzuchtige gerechtigheid gedaan worden, omdat het een algemeen en niet een persoonlijk probleem is. Deze aanvaarding van de Transicion en het erop hopen dat de zaken bij volgende generaties weer vergeten zullen worden, wordt gespiegeld aan het verhaal van Beatriz en Muriel: als we het allemaal laten voor wat het is en er niet meer op terugkomen, of zelfs niet willen weten, dan zou het allemaal beter zijn. Ik geloof niet dan Marias daar dubbelzinnig of ironisch over gedaan heeft, volgens mij geloofde hij dat echt. Als je echter accepteert dat Muriel’s besluit om met Beatriz te trouwen echt is, wat klaagt hij dan eigenlijk en heeft hij dan opeens het gelijk aan zijn zijde?

In Spanje was men in 2007 niet meer zo blij met de Transicion; er kwam eindelijk het recht om iemand aan te klagen, met de Wet op de historische herinnering, de Ley de memoria histórica uit 2007. Volgens de schrijver speelt zijn verhaal in 1980, maar wordt het 28 jaar later verteld door de oudere verteller en niets in het boek wijst op deze toekomstige wet. Het gelijk aan zijn kant willen houden, het opgelegde, is wel een puntje van kritiek.

Reacties

Meer recensies van wemkok

Boeken van dezelfde auteur